Dag 7; Oppdal; Nasjonal park Rondane

De wekker stond vanmorgen op 7:00 uur afgesteld en we hadden allemaal weinig zin om op te staan. Uiteindelijk werd er in sneltreinvaart aangekleed, gegeten, ingepakt en schoongemaakt. We verlieten de leuke camping Pluscamp Rustberg om 8:30 uur. De route naar Oppdal zou gaan via de Rondeveien en het Dovrefjell Nasjonal Park. Net zoals gisteren was het bewolkt maar droog. We verlieten net na Ringebu de hoofdweg om de 75 kilometer lange toeristische route door het Ronadane Nasjonal Park te volgen. Het park is het oudste park van Noorwegen en werd in 1962 opgericht. Het ligt deels in de provincie Hedmark en deels in de provincie Oppland. In het gebied ligt een hooggebergte met 10 bergtoppen boven de 2000 meter.

Ontbijten langs de weg.

Wat ons al snel op viel was dat er weinig begroeiing was. Het is een vrij droog klimaat en de bodem bevat weinig voedingstoffen. We zagen vooral rotsen bedekt met korstmossen en af en toe wat struiken veenbessen of bosbessen. Het was een prachtige ongerepte en ruige wildernis. Onderweg waren mooie parkeerplaatsen met mooie uitzichten. Zo stopten we bij het uitzichtpunt Sohlbergplassen. Hier hadden we een schitterend uitzicht over het meer Atnsjøen en de “blauwe”bergen van Rondane. Schilder Harald Sohlberg gebruikte dit decor voor zijn schilderij “Winternacht in de Bergen”. Halverwege maakten we bij Strømbu een stop om te gaan lunchen. De parking is ontworpen door architect Carl-Viggo Hølmebakk. Het was een mooie plek met zicht op de bergen aan de Atna, een wild stromende rivier. We smeerden een boterham en aten deze met veel smaak.

Na de lunch trokken we onze wandelschoenen aan voor een korte wandeling. We volgden de oever van de rivier tot aan de hangbrug. De hangbrug staken we voorzichtig over en we volgden een route over een onverhard pad. Het begon Het pad was modderig en overal lagen nog plassen waar we voorzichtig om heen moesten lopen om geen natte voeten te krijgen.

Het begon licht te regenen maar het eerste stuk van de wandeling ging door een groen bos en we hadden weinig last van de regen. In het bos groeiden onder andere kleine berkjes, naaldbomen en prachtige varens. Het gebied bleef drassig en we werden flink belaagd door zwermen muggen die hier leven in de moerassen. We moesten blijven lopen om zo min mogelijk geprikt te worden.

We werden af en toe geraakt door Ronac de “muggenmepper” die maar om zich heen bleef slaan om de vervelende muggen van iedereen af te houden. Na een paar kilometer kwamen we in een open gebied met rotsen en mosgebied. Het rendiermos dat hier groeide is struikvormig en groengrijs gekleurd. Het dankt zijn naam aan de vorm die lijkt op een hertengewei. Het mos lijkt op een plant maar bestaat in werkelijkheid uit twee organismen, een schimmel en een alg (groenwier). In sommige gebieden zoals in Lapland eten rendieren het mos. Vroeger werd het ook wel gebruikt om matrassen en kussens van te maken. Het mos zorgde voor een sprookjesachtige sfeer in het bos.


Tijdens de wandeling zagen we sporen van dieren. We vonden hoopjes met keutels die waarschijnlijk van konijnen en herten waren. Ook leeft in dit gebied de veelvraat, vos, marter en nerts maar daar zagen we geen sporen van. Terwijl wij na een kilometer of twee aan de terugweg begonnen, liep pappa nog een stukje door. Net voor de hangbrug bij een klein beekje wachtten we op zijn terugkeer. Het duurde nog even en we hadden dorst gekregen van de wandeling. Mamma vertelde ons dat je in onbewoonde gebieden in Noorwegen water uit beken en rivieren kunt drinken. Wij maakten kommetjes van onze handen en dronken zo het koele en schone water uit de beek. Heerlijk! Toen pappa terugkeerde liepen we het laatste stukje gezamenlijk terug naar de parkeerplaats. Met de auto vervolgden we onze tocht in de richting Hjerkinn.

We misten de afslag naar Snøhetta uitzichtpunt aan de rand van het Nasjonal Park Dovrefjell. Ondanks de regen was ook hier het landschap weer adembenemend. We maakten onderweg nog een paar stops. Bij één van deze stops liepen we een klein stukje van de oude “Hogronden” weg. Vanaf een brug hadden we mooi zicht op een van de vele watervallen die hier langs de bergwanden naar beneden storten. In de namiddag arriveerden we bij de Granmo camping zo’n zes kilometer ten zuiden van Oppdal. We kregen bij de receptie de sleutel van onze kampeerhut (nr.24).

Naast onze hut lag direct de speeltuin en ook het vernieuwde sanitairgebouw met familiebadkamers lag dichtbij. Terwijl wij speelden deed mamma de was en pappa pakte de auto uit. Ik liep met pappa nog even naar de rivier de Driva die langs de camping stroomt.

Kok pappa maakte vandaag een overheerlijke chili con carne waar ik van bleef eten. Na het eten vermaakten we ons met Noorse en Finse kindjes in de speeltuin. Vanaf een bankje werd er op de trampoline gesprongen. Sommigen haalden wel hele gevaarlijke toeren uit op de trampoline. In de avond koelde het behoorlijk af en zetten we zelfs heel even de verwarming in het hutje aan. We vielen laat in slaap maar dat maakte niet uit want morgen kunnen we lekker uitslapen en zijn er nog geen plannen.

Created with Nokia Smart Cam

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *