Todgha kloof

Na het ontbijt verlaten we de Dadès kloof en gaan we op weg naar de bekende Todgha kloof (Todrakloof). Volgens de boeken zou dit gebied het hoogtepunt van het Atlasgebergte moeten zijn. Het eerste stuk was de doorgaande weg en vanaf het dorp Tinghir namen we de afslag naar de spectaculaire 15 kilometer lange kloof. We maakten een korte stop bij een uitzichtpunt over een oase, kashba en de bergen. Hier stonden veel verkopers en al snel werden we in berberstijl aangekleed.

We wilden doeken kopen die we in de woestijn zouden kunnen dragen. De onderhandelingen verliepen moeizaam. We kochten uiteindelijk toch vier doeken maar betaalden toch net te veel hiervoor. We reden verder en volgden de weg en rivier het steeds smaller wordende ravijn in. Het viel ons op hoe toeristisch het hier is. Bij de kloof betaalden we “entree” 5 MAD om de weg te mogen vervolgen. Het was superdruk. Overal stonden bussen geparkeerd en toeristen liepen als kippen zonder kop over de weg zonder te kijken. We reden eerst de kloof door draaiden de auto en zochten een parkeerplek.

Op sommige plaatsen was een parkeerverbod maar daar leek niemand zich iets van aan te trekken. We vonden een plekje en liepen het ravijn in. Het was erg fris zelfs met onze vestjes aan. De mooiste plaats was de reusachtige spleet met aan de ene de Oued Todra (rivier) en aan de andere kant de weg. Op dit punt zijn de 300 meter hoge bergwanden nog maar 10 meter van elkaar verwijderd. Je moest je hoofd in je nek leggen om dit wonder van Moeder Natuur op je in te laten werken. De kloof is ontstaan door de rivier de Todgha en de naburige rivieren die zich in de kalksteen hebben uitgesneden.

Uiteindelijk lopen we na niet al te lange tijd weer terug naar de auto. We verlaten de kloof rond het middaguur en gingen op weg naar Ksar El Khorbat in het dorp Tinejdad. Onze accommodatie voor vannacht bevindt zich in de oude ksar. Onderweg zien we langs de kant wilde dromedarissen lopen en het landschap wordt kaler en droger. De rit verliep voorspoedig en we arriveerden rond 13:00 uur bij de accommodatie. In het dorp was het nog even zoeken omdat onze navigatie het liet afweten en ons rondjes liet rijden.

El Khorbat is gelegen in de Ferkla Oase niet ver van het centrum van Tinejdad. De ksar werd in 1860 gebouwd en wordt nog steeds bewoond. In de ksar zijn een aantal huizen ingericht als verblijfplaats voor toeristen. We krijgen een kopje thee aangeboden en konden daarna naar onze kamer. De ksar is volledig opgebouwd uit aangestampte leem en binnen is het heerlijk koel. De kamer is donker maar qua sfeer fantastisch. Het feit dat we in een echte ksar logeren tussen de lokale bevolking maakte het extra speciaal. We zetten de bagage op de kamer en gaan terug naar de mooie groene tuin waar we konden lunchen.

Pappa en mamma bestellen briouts (bladerdeeghapje) en wij namen beiden de sandwich tuna. Na de lunch konden we relaxen in het zwembad. Het was bewolkt en ook hier ging ik alleen het zwembad in. Ronac vond het veel te koud. Tussendoor gingen pappa en mamma nog een stukje wandelen door de ksar en vingen zij een glimp op van het lokale leven. Het complex bestaat uit een hoofdsteeg en een aantal zijstegen.

De stegen zijn overdekt doordat de huizen eroverheen gebouwd zijn. Hier is het dan ook erg koel. Op sommige plaatsen valt het zonlicht door de steegjes en dit zorgt voor een prachtig lichteffect. De palmoase bleek ook weer droog en dor te zijn net zoals in Skoura. Het was heerlijk toeven in El Khorbat en we deden niet veel meer dan zwemmen, spelletjes en relaxen. ’s Avonds aten we in het restaurant.  Mamma had tajine met köfte (gehaktballetjes), pappa grillspies met kip en wij hadden spaghetti bolognese.

Toen het donker was gingen we terug naar de kamer. Het was gemakkelijk om in slaap te vallen want de kamer was donker en liet nergens licht door.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *