Kashba Amerhidil

Onze dag begon rustig. Wat lezen, douchen en rond 8:30 uur zaten we aan het ontbijt. Verse jus d’orange, gekookt eitje, luchtige pannenkoekjes, warme broodjes met amandelschaafsel, honing, smeerkaas en jam. Om 9:15 uur vertrekken we en laten we Aït Ben Haddou achter ons.

We kwamen door de grote stad Ouarzazate waar we aan het einde van onze reis nog twee nachten zullen overnachten. Onze bestemming is Skoura, een klein dorp met ongeveer 2800 inwoners, gelegen in een (palm)oase aan de voet van het Atlas gebergte op de Kashbaroute in de Dadés vallei. Het ligt op de overgang tussen bergketens en woestijn. De oase bestaat uit de droge rivierbeddingen Oued El Hajaj , eindeloze rijen dadelpalmen en reusachtige zandkastelen. De oase werd in de 12e eeuw aangelegd door sultan Yacoub el-Mansour.

We zagen verspreid staande ksar en kashba’s langs de weg. De meeste dateren uit de 19e een 20e eeuw, maar er zijn er ook uit de 17e en 18e eeuw. Tijdens een heftige stammenoorlog in 1893 zijn vele oude kashba’s verwoest, evenals in de jaren twintig en dertig van de vorige eeuw, toen de Fransen hier regeerden. Sommige zijn deels  nog bewoond en andere staan leeg omdat de bewoners naar moderne huizen in de buurt zijn verhuisd.

De beroemdste kashba in deze omgeving is die van Amerhidil (ook wel Imridil genoemd). De kashba stond zelfs afgebeeld op het oude 50 dirham biljet. We verlaten de verharde weg en volgen een paar kilometer de stoffige en hobbelige weg die leidt naar de kashba. We parkeren de auto en lopen naar de ingang. We worden al snel aangesproken door een meneer die ons direct in het Engels begint te vertellen over de geschiedenis van de kashba. Pappa weet hem te onderbreken om duidelijk te maken dat we niet zeker weten of we een rondleiding willen. Kareem is vriendelijk en zegt dat we ook zelf rond mogen kijken.

Hij spreekt goed Engels en als pappa hem vraagt wat het kost om hem als gids mee te nemen, blijkt hij een redelijke prijs te vragen. We besluiten om de kashba met hem te bezoeken. Kareem weet veel te vertellen en heeft ook nog humor. Onze namen werden veranderd in Mohammed en Ali (Keyro). Kashba Amerhidil dateert uit 1100 en is ontstaan als nederzetting gebouwd door koranleraar Thami El Glaoui., de laatste pasja van Marrakesh.

De nederzetting werd gebouwd van klei en stro en rijkelijk versierd met berbertekens. Er zijn vier torens voor de vier vrouwen van de pasja. In de jaren 60 werd de kashba nog bewoond maar werd later verlaten omdat het te duur was om de kashba nog te onderhouden. Bij regenval spoelt er namelijk een deel van de klei en leemlaag van de muren en dien je het te restaureren zodat de boel niet instort.

Een rijke familie nam het over en betaalde de kosten van een restauratie. Het is nu gedeeltelijk omgebouwd tot hotel en een deel is als museum ingericht voor het publiek. In de binnentuin zien we allemaal gereedschappen die op het land worden gebruikt. Via smalle gangen brengen we ook een bezoek aan vier verschillende keukens en de gebedsruimte. Ook was er een ruimte waar de kinderen lees kregen uit de Koran. De muren van de kashba zijn dik, de vertrekken zijn hoog en de toegangsdeuren laag.

Het is zo gebouwd om in de winter warm en behaaglijk te zijn en in de zomer blijven de vertrekken zo juist koel. Na de rondleiding lopen we naar de palmoase achter de kashba en krijgen we een glaasje thee bij familie van Kareem. Er was een soort showroom met handgemaakte producten maar er werd niets opgedrongen of verplicht om te kopen.

We hadden een leuk gesprek en vertrokken een half uur later weer terug naar onze auto. In totaal waren we dik anderhalf uur onderweg geweest met de rondleiding. We betaalden omgerekend ongeveer 12 euro, wat wij niet duur vonden voor deze goede en informatieve rondleiding. Vanaf kasbah Amerhidil reden we in één keer door naar onze accommodatie Chez Laila in Skoura.

We waren erg vroeg en onze kamer was nog niet klaar. We konden de auto daar laten staan en gingen te voet naar het centrum. We kwamen langs kale dorre vlakten met hier en daar een palmboom. Door de droogte van de laatste jaren zagen veel palmen er slecht uit of waren dood. Het zag er een beetje zielig uit. We belandden op de lokale weekmarkt waar werkelijk van alles verkocht werd. We kwamen verder maar weinig toeristen tegen. In de hoofdstraat zochten we naar een restaurantje om te kunnen lunchen. In onze Trotter reisgids werd restaurant La Kasbah aanbevolen en we gingen daar naar op zoek. We vonden het en werden  niet teleurgesteld.

Het terras werd overschaduwd door een prachtige boom. Er was geen menukaart maar gastheer Abdullatif ,die alleen Frans sprak, gaf ons de mogelijkheden door. We gingen voor de kipspiesen. Als voorafje kregen we een schaaltje olijven, beetje te bitter voor mij, en zelfgebakken brood. De gegrilde spiesen werden geserveerd met zelfgebakken, verse frieten en tomatensalade.

Onze gastheer gaf ons veel aandacht en maakte een leuk praatje. Hij gaf ons ook het gastenboek om een recensie te schrijven. Ik maakte hier ook een mooie tekening in. Als nagerecht hadden we voor een streekgerecht gekozen. Zelfgemaakte geitenkaas met honing uit de regio. Zo’n lekker kaas en honing hadden we allemaal nog nooit gegeten. Wat was dat lekker zoet en romig zeg! We kregen ook nog wat banaan en sinaasappel met kaneel als nagerecht geserveerd.

We namen afscheid van Abdullatif en pinden wat geld voor de komende dagen bij de bank. We liepen terug over de markt en kochten nog wat kruiden en nootjes. Mamma betaalde nog geen twee euro voor vier soorten kruiden. Bij een oude man kochten we de nootjes. We kochten 500 g zoute pinda’s en 500 g suikerpinda’s voor vijf euro. Alles werd op een oude weegschaal met echte gewichten afgewogen. Ondanks dat we de man niet konden verstaan, was hij super vriendelijk. Hij wilde zelfs met ons op de foto en straalde van oor tot oor toen mamma hem de foto liet zien.

Terug bij Chez Laila werden we direct naar onze kamer gebracht. Lang bleven we daar niet want er was een mooie tuin met zwembad. Helaas was het water erg koud en bleef ik meer aan de kant om te pootje baden. Keyro vond het wel heerlijk. Pappa en mamma zaten heerlijk wat te lezen onder één van de tenten.

’s Avonds hadden we het diner ook weer in onze accommodatie. Natuurlijk weer een voor- hoofd- en nagerecht. We startten met soep en daarna het hoofdgerecht. Mamma had de lokale specialiteit lam met vijgentajijne en Keyro en ik hadden een bord spaghetti. Het toetje was vers fruit. Uiteindelijk lagen we toch weer laat in bed. ’s Nachts onweerde het wat maar daar kregen wij niet veel van mee.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *