Hengelhoef

Vandaag gingen we een dagje zwemmen in een subtropisch zwembad, mamma was met collega’s van Tupperware naar de huishoudbeurs in Utrecht. Wij mannen besloten er een actieve dag van te maken. Pappa had goedkope kaartjes gekocht voor zwembad Hengelhoef met o.a. een golfslagbad, glijbanen een bubbelbad en een hele stoere wildwaterbaan waar we helaas allebei nog te klein voor waren.

We spetterden er vrolijk op rond, en arme pappa mocht ons overal volgen. Vanaf een afstandje had ik naar de wildwaterbaan gekeken, die leek me toch wel heel sjiek om te doen en ik maakte pappa gek om toch een keertje erin te gaan.

Wat bleek? Ik was nét groot genoeg (1.50m) om erin te mogen. Ik moest wel nog even onder een meetlat staan maar toen mocht ik er toch in. Ronac bleef heel even alleen en kon ons door de wel heel erg wilde waterbaan zien gaan.

We aten nog lekker wat frietjes met een snack en na nog meer spetteren keerden we moe maar voldaan naar huis.

 

Met champagne in het zwembad

Tot nu toe hebben wij een goede voorzomer met hoge temperaturen. Bij onze achterburen en vrienden familie van Zuijlen was het zwembad weer opgezet. Terwijl onze mamma’s op een zomermarkt in Borgharen stonden met de Tupperwarekraam, zochten wij verkoeling in het zwembad. We hadden allerlei opblaasbaar speelgoed in het zwembad en brachten er uren in door. Toen mamma en Miranda terug waren ontstond spontaan het idee om samen te barbecueën.

Vlees werd uitgehaald, sausjes en salades gemaakt en al snel lag het eerste vlees op de barbecue. We hadden flink honger gekregen en aten vlug en veel. Na het eten zochten we opnieuw het zwembad op. Het werd langzaam donker maar met een paar lampen was  het nog goed toeven in het zwembad. Rond 22:00 uur kregen we dorst en haalde Keyro zijn FC Barcelona (kinder)champagne  (gekregen van Quincy voor zijn verjaardag). We namen glazen mee en maakten de fles zelf open. De kurk vloog over de schutting van de buren en we hadden de grootste lol. Onder genot van een glaasje champagne bleven we nog een tijdje in het zwembad tot we gerimpelde handen en voeten hadden. Leuk zo’n zwoele zomeravond!

Mannenweekend

Hoera! Mamma is een weekendje naar de sneeuw om te gaan skiën, of vooral om te après-skiën. Dat betekent voor ons een heerlijk rustig mannenweekend, joehoe!

Gisteren stond alles in het teken van voetbal, eerst mee met Keyro naar zijn wedstrijd bij Leonidas en ‘s avonds naar het zaalvoetballen van pappa. Ik heb zelfs nog even tegen mezelf gevoetbald, helaas bleef het gelijkspel omdat ik voor open goal wist te missen…

Na een super gezellig avondje besloten we zondag te gaan zwemmen in het subtropisch zwembad van CenterParcs Erperheide. We hadden er meteen zin in, eerst vermaakten we ons even in het golfslagbad voordat we al snel de wildwaterbaan (her)ontdekten. Een paar jaar geleden waren we hier ook al een keer geweest maar toen kon ik nog niet zwemmen. Ook nu vond pappa dat hij bij mij in de buurt moest blijven maar ik zorgde er wel voor dat hij me niet bij hield, haha.

We gingen ook een paar keer van de glijbaan maar die vond ik toch nog een beetje eng. Veel liever zat ik lekker te bubbelen in het bubbelbad, heerlijk.

In een speciaal gedeelte konden we met onze snorkel zelfs kijken naar echte visjes die achter het glas onderwater zaten.

Na al die spannende dingen aten we lekker wat in de zwembad bar waarna we de race door  de wildwaterbaan hervatten. Na zo’n twintig keer gaf pappa het eindelijk op en mochten we eindelijk een paar keer alleen door de wildwaterbaan.

Het was een mooie dag, onderweg vielen we allebei in de auto in slaap. Toen we thuis kwamen hebben we uiteraard niet zelfs gekookt. Zoals je van echte mannen kon verwachten nam ons  jachtinstinct het over. We kwamen uit bij de wok waar we lekker hebben gegeten om de dag af te sluiten.

 

 

 

Klungkung

We huurden voor vandaag een privé chauffeur die ons eerst naar een paar mooie tempels zou brengen en daarna af zou zetten in Sanur. We vertrokken op tijd want we wilden proberen om bij de eerste tempel de grote toeristenstroom voor te zijn en dat lukte. Onze chauffeur hield er goed de vaart in en na ongeveer twintig minuten rijden, waren we bij de Pura Gunung Kawi. We moesten om de tempel te betreden een sarong dragen (de volwassenen) en de kinderen een sjerp. We betaalden natuurlijk veel te veel voor de sarongs en later bleek dat je ze bij de ingang gewoon kon lenen. Ach ja, een extra souvenir is ook best leuk.


Om bij de Pura Gunung Kawi te komen moesten we eerst zo’n 260 traptreden afdalen. Onderweg hadden we een mooi uitzicht over de vallei met prachtige rijstterrassen. We werden meerdere malen gepasseerd door de lokale bevolking die offers gingen brengen bij de tempel. De vrouwen dragen de offers in rieten manden op hun hoofd, heel knap. Beneden staken we de oude stenen brug bij rivier de Pakerisan over en kwamen bij het tempelcomplex waar je de rotstempels vindt. Het bleken tien hoge uitgehakte candi’s (beelden) in de rotsen te zijn die dateren uit de 11e eeuw.


Pura Gunung Kawi

Men dacht dat het grafmonumenten waren maar dat klopt waarschijnlijk niet. Men denkt dat ze ter ere van de Koninklijke familie van de Udayana-dynastie zijn gemaakt. Bij de tempels zelf werden er voorbereidingen getroffen voor de vollemaanceremonie van morgen. Het vlechten van offermandjes, vlaggen en bloemenkransen is een taak die behoorlijk tijdrovend is. Op de terugweg naar boven kochten we nog een klein souvenir, een ketting met een munt er aan. Onze volgende stop was bij de Hindoeïstische Pura Tirta Empul tempel. De tempel werd gebouwd in het jaar 962 ten tijde van de Warmadewa-dynastie.


Weer een nieuw souvenir.

De tempel is bekend vanwege haar heilig water dat uit een nabijgelegen bron komt en dat gebruikt wordt voor reinigingsrituelen. Vele Balinezen komen hier jaarlijks om rijstoffers te brengen, te bidden en zich onder te dompelen in het heilige water. De mensen reinigen zich in het water voor hun gezondheid en geluk. We volgden op gepaste afstand het reinigingsritueel van een familie en twee jonge jongens. Het was interessant om te volgen en te zien. Na deze tempel gingen wij op weg naar paleis van Klungkung. Onderweg stuitten wij op een belangrijke en laatste plechtigheid in het leven van de Balinees namelijk de crematie. We zagen de voorbereiding van de processie waarbij de kist van de overledene door dragers naar de begraafplaats zou worden gebracht. De hele familie en alle mensen uit het dorp of wijk lopen mee in de stoet, net als een band en onderweg worden liederen gezongen.

Er wordt van alles gedaan om de overledene voor te bereiden op het hiernamaals. De straten worden hiervoor tijdelijk afgezet. Zo kan iedereen waardig afscheid nemen van de overledene. Uiteindelijk wordt het lichaam en allerlei offergeschenken open en bloot verbrand. Enkele uren later wordt de as uitgestrooid. Voor de crematie wordt het lichaam vaak tijdelijk begraven bij een tempel want crematies zijn vrij duur. In rijke families wordt het lichaam vrij snel verbrandt na het begraven maar in armere gezinnen kan dit soms langer duren. Sommige families wachten net zolang tot er voldoende geld is voor de crematie. De hele arme mensen maken gebruik van een Koninklijke crematie waarbij soms wel meer dan honderd lichamen te gelijk worden gecremeerd, dit is gratis.

Tegen 11:00 uur arriveerden we in Semarapura waar wij de overblijfselen van het historische Klungkung paleis zouden bezoeken. Bij het verlaten van de auto stapte Keyro in een diep gat en haalde hij zijn been lelijk open. Het was gelukkig een oppervlakkige schaafwond maar zijn been inclusief de wond was bedekt met gesmolten teer van het asfalt. Met veel doekjes wist hij het zelf redelijk schoon te maken. We betraden het paleis dat werd beschouwd als het hoogste en meest belangrijke van de negen koninkrijken van Bali uit de late 17e eeuw tot 1908. Het paleis werd verwoest tijdens de Nederlandse koloniale verovering. Het paleis werd gebouwd in een vierkante vorm met de belangrijkste poort naar het noorden. Het werd verdeeld in een aantal blokken voor verschillende rituelen en functies. Het Bale Kambang (drijvende paviljoen) is het hoogtepunt van de gebouwen die er nog staan.


Klungkung

Het Kerta Gosa is het Paviljoen van de gerechtigheid. Rechters losten hier problemen op die niet binnen families of dorpsgemeenschappen konden worden opgelost. Op het plafond zijn tekeningen geschilderd die duidelijk moeten maken wat het verschil is tussen goed en kwaad en wat je straf zou kunnen zijn. We bezochten ook het kleine museum met onder andere oude Hollandse kranten en veel militaire spullen. Na ons bezoek aan het paleis reden we in één keer door naar de badplaats Sanur. Het eerste hotel waar we gingen vragen om een kamer had niets meer beschikbaar. Onze chauffeur vroeg naar onze prijsklassen en wist een leuk hotel.

Bij Hotel Bumas hadden ze nog wel een kamer voor ons beschikbaar. We moesten alleen even wachten want de kamer werd net schoongemaakt. Ondertussen doken Keyro en ik in het zwembad. We hadden hier niet één maar twee zwembaden om uit te kiezen. We liepen rond 14:30 uur richting het levendige centrum van Sanur met allemaal barretjes en restaurants. Sanur was vroeger een klein vissersplaatsje aan de zuidoost kant van Bali maar groeide door de komst van toeristen. Het traditionele karakter van de stad heeft het echter redelijk weten te behouden doordat de overheid heeft besloten dat de gebouwen niet hoger dan vijftien meter mogen zijn.


Strand bij Sanur.

We gingen bij een restaurant iets eten en bestelden laksa (curry en vis noodlesoup), bakso (noodlesoup) en twee keer mie goreng. Na de late lunch vertrokken we naar het strand dat achter de hoofdstraat, hotels, restaurants en winkels ligt. Langs het 5 kilometer lange strand loopt een voet/fietspad zodat je er heerlijk kunt flaneren. De zee bij Sanur is kalm en ondiep. Het was eb en er waren brede stroken zanderige modder met hier en daar wat koraal zichtbaar. Wij doken meteen in het zand om te graven en te bouwen. In de avond besloten wij om het rustig aan de doen en lekker in het hotel te blijven. Pappa en mamma hadden een afhaalrestaurant gezien en daar haalden ze rond een uur of acht wat te eten. Op het bed aten we van de mie goreng, nasi goreng, nasi campur en loempia’s terwijl we een film keken die we niet konden verstaan, haha.

Hotspring en Ngagda- dorpen Luba en Bena

Onze dag begon weer op tijd. We wilden eigenlijk iets later vertrekken omdat het qua afstand naar Bajawa niet zo heel ver was maar Elvis gaf ons aan dat het beter was om rond 07:30 uur te vertrekken. Het eerste stuk van de rit ging vrij langzaam vanwege de slechte wegen en het was weer schudden geblazen. Na een paar uur rijden arriveerden we rond 09:30 uur bij Mangaruda, een dorp in het Soa district op zo’n 25 kilometer van Bajawa. Bij dit dorp ligt een natuurlijke warm waterbron (hotspring). Het complex zag er wat verwaarloosd uit maar de ligging was werkelijk top.


We zijn hier heerlijk gaan badderen in het warme water van de bron. Het was weekend en dus kwamen de lokale mensen hier in grote getalen naar toe. Zij komen om in de bron hun haren en lijf te wassen. Voor deze mensen is dit de enige gelegenheid om een warme douche te nemen want thuis hebben ze alleen de beschikking over een mandi met koud water. Het water van de bron was erg warm en we gingen er voorzichtig in om er niet uit te komen als een gekookte kreeft. De natuurlijke uitgesleten baden waren begroeid met algen en dat maakte het lopen af en toe wat gevaarlijk. Overal waren stroompjes, klimrotsen, stroomversnellingen en natuurlijke glijbanen.


We waren de eerste paar uur samen met de lokale mensen die vriendelijk een praatje met ons kwamen maken of met ons in het water wilden spelen. Tegen de middag stroomde het vol met buitenlandse toeristen en gingen wij er snel van door. We begrepen nu waarom Elvis graag wat eerder wilde vertrekken.


We reden direct door naar Bajawa en daar maakten we een lunchstop bij het Camellia restaurant. De inrichting doet denken aan een bedrijfskantine en er is weinig sfeer. Over tafel en stoelen zit nog het bekende plastic en er zijn maar weinig mensen. We schreven onze bestelling op een briefje (o.a. Foe yong Hai, Cap Cay (tjap tjoy), gebakken aardappel (frietjes) en bestelden gezonde sapjes ( avocado sap en sirsaksap) om uit te proberen. Het eten smaakte prima. Na de lunch checkten we in bij het Bintang Wisata Hotel. De kamer was eenvoudig en met een likje verf zou het er al heel anders uitzien. We hadden even om uit te rusten en vertrokken rond 14:30 uur naar de twee dorpjes Luba en Bena.


De hooglanden rond het koele Bajawa worden bevolkt door de Ngada-stam, een van de gemoderniseerde bevolkingsgroepen op Flores. In de dorpen leven de bewoners nog op authentieke wijze. Beide dorpen liggen aan de voet van de Gunung Inerie in een bamboebos.  We bezochten als eerste het kleinere en minder toeristische Luba. In het dorp waren voornamelijk kinderen en oude vrouwen aanwezig. De aanwezige kinderen daagden Keyro en Ronac uit voor een potje volleybal en voetbal. Heel erg leuk.


Het traditionele dorp Luba.

In het traditionele Ngagda dorp Bena, zagen we een twee rijen met traditionele huizen. In het midden lag een grote gemeenschappelijke plein met megalithische stenen (offerplaatsen), graven en de ngadhu en bhaga bouwwerken.  De mannelijke ngadhu is een soort parasol van 3 meter hoog, de vrouwelijke bhaga is een soort klein huisje. Beide zijn gemaakt van hetzelfde materiaal als de “gewone” huizen, hout en riet dus. Ze symboliseren de continue aanwezigheid van de voorvaderen van iedere familie in het dorp. Verder liggen er verschillende graven verspreid over het plein.


Uitzicht vanuit het dorpje Bena.
Deze zijn allemaal voorzien van kruizen, dus ook het christendom is hier sterk aanwezig. De woonhuizen hebben erg hoge daken. Boven de veranda is er een afdakje van bamboe. Bovenop sommige huizen staat een miniatuurhuisje of een poppetje. Deze huizen zijn van de belangrijkere families in het dorp. Bij verschillende huizen lag een verzameling van opgestapelde buffelhoorns, deze geven de status van een familie aan. Indrukwekkend vonden wij de rode monden van veel vrouwen en enkele mannen.


Het is een oud gebruik van sirih pruimen. De pruim is een combinatie van sirihblad met een stukje betelnoot, gambirwortel en wat kalkpoeder. Het wordt samen gevouwen tot een pakketje en dan begin je te pruimen. Ze kauwen het de gehele dag en spugen er ook lustig op los. Het is verslavend en de rode kleurstof dit ontstaat bij het pruimen kleurt de mond rood. Tandenpoetsen helpt hier niet meer en zo lopen vele vrouwen in Flores rond alsof ze een bebloede mond hebben. De sirihpruim kan net zo verslavend zijn als een gewone sigaret. Op het plein speelde een groep mannen volleybal en we bleven er geruime tijd kijken.


We liepen terug richting de auto toen ik werd overvallen door een meisje van een jaar of twee. Ze pakte mijn hand vast en wilde me niet meer loslaten. Blijkbaar vond ze mij erg leuk en wilde me niet meer laten gaan. Uiteindelijk werd ze door haar moeder meegenomen en was ze erg boos. In de avond wilden we iets gaan eten maar in de buurt vonden we geen restaurants. We eindigden bij een warung waar we in de etalage konden aanwijzen wat we wilden eten. De maaltijd bestaande uit rijst, ingelegde groenten en omelet was eenvoudig maar goed. De hoeveelheid was enorm en de gastvrijheid onvergetelijk. Toen we afrekenden dachten we dat we het verkeerd begrepen. Gezamenlijk moesten we 40000 roepia (zo’n € 2,80) betalen voor alles. We vonden het zo weinig dat we een fooi van 10000 roepia gaven en we brachten de eigenaresse daarmee een beetje in verlegenheid. We liepen terug naar het hotel en gingen op tijd naar bed. Morgen gaan we naar Ruteng gelegen in de Manggarai provincie.

Dag 22; Billund; Legoland

De wekker ging om 7:30 uur en om 8:15 uur zaten we al aan het ontbijt in de gezamelijke eetkeuken. Er waren lekker broodjes, vleeswaren, kaas, groenten, fruit, cornflakes etc. Ronac kreeg van het ontbijt een jam met melksnor en boven mijn lip prijkte een mooie bruine chocoladesnor. We betaalden bij het echtpaar voor de hotelkamer en vertrokken rond 9:00 uur. Het zou een lange rit worden vandaag. We moesten eerst nog een stuk door Denemarken daarna door Duitsland om laat in de middag in Nederland aan te komen. Na een uurtje rijden kwamen we in de buurt van pretpark Legoland. Onze vriendjes waren hier vorige week naar toe geweest en stiekem waren wij een beetje jaloers op hun. We reden langs het park en konden er een glimp van opvangen. Tegen pappa en mamma zeiden we dat we er wel eens een keertje naar toe zouden willen gaan. Net voorbij het park parkeerden we op een parkeerplaats en moesten we uitstappen. Pappa en mamma pakte een koffertje uit de kofferbak en we moesten ze volgen. We liepen naar een ingang en kwamen uit in het Legoland Hotel, huh? Nog steeds snapten we er helemaal niets van? We gingen toch niet naar Legoland of wel?

Pas toen pappa en mamma vertelden dat we hier een nachtje zouden slapen en ze daadwerkelijk gingen inchecken, beseften we dat het echt zo was. Wat een super verrassing hadden pappa en mamma tot het laatste weten te bewaren. We liepen rond bij de receptie en werden begroet door een enorme draak van Lego. Ook stonden er twee figuren uit de Star Wars film, cool zeg!

We waren echt helemaal happy en in ons element! We kregen de entreekaartjes voor het park en konden meteen naar binnen. Onze koffer lieten we achter in de opslagruimte bij de receptie want de sleutel van de kamer konden we pas in de middag ophalen. Het Legoland Hotel ligt tegenover het pretpark en via een loopbrug kwamen we via een eigen ingang het park binnen. In het park staan de gekleurde kunststofblokjes en figuurtjes (Lego) van de Deens speelgoedfabrikant centraal.

In 1968 was dit park het eerste Legoland park dat werd geopend en het bestaat uit circa 55 attracties en er zijn meer dan 60 miljoen Lego steentjes gebruikt. Tegenwoordig zijn er op meer plaatsen over de wereld ook parken van Legoland geopend. Met onze kaartjes liepen we via de loopbrug naar het park. We starten onze verkenningstocht bij de Atlantis by Sea Life attractie. Na een korte introductiefilm gingen de deuren open en belandden wij in de onderwaterwereld van Atlantis. Lopend kwamen we langs verschillende aquaria en de Oceaan Tank. In de aquaria zijn Lego modellen te zien zoals duikers, onderzeeboten, schatten en nog veel meer. Aan het einde kwamen we door een acht meter lange glazen tunnel waarin het net leek alsof we tussen de vissen liepen, prachtig! Pappa en ik gingen in de kano’s en werden aan het einde nat van het opspattende water.


Bij de volgende attractie belandden we in de wereld van de piraten. We stapten in een boot en kwamen langs verschillende gebouwen en objecten. Om ons heen waren er gevechten tussen soldaten en piraten. Veel in deze attractie werd gebouwd met Lego blokjes en de personages konden bewegen door animatronic. Het is een techniek waarbij door middel van voorgeprogrammeerde volgorde bewegingen kunnen worden gemaakt. Halverwege de rit kwamen we in de donkere, geheime grot van Captein Roger waar alle piratenschatten te vinden waren. We liepen verder en opvallend waren de vele details waar in het park mee gewerkt is. Echt overal zie je grote en kleine dingetjes gemaakt van Lego, super!

In de Egyptische tempel moesten we met een laserpistool op verschillende objecten schieten en hiermee zoveel mogelijk punten verzamelen. We kwamen door verschillende scènes allemaal gemaakt met Lego natuurlijk. Het begon steeds drukker te worden in het park en wachtrijen werden ook langzaam langer.

Het zonnetje schijnt ook flink en de temperatuur stijgt aardig. We eten op een bankje in de zon een broodje maar lang bleven we niet zitten want we waren bij het Miniland. Hier is alles twintig keer zo klein als in het echt en gemaakt van hoe kan het ook anders Lego. Er zijn in heel Miniland alleen al circa 20 miljoen Legoblokjes gebruikt. We zagen straatbeelden van bekende plaatsen, een vliegveld, space center en een aantal scènes uit de Star wars films. We gingen om 15:00 uur even terug naar het hotel om in te checken voor de hotelkamer.

We hadden een themakamer in piratenstijl en moesten eerst langs een grote Lego man (Indiana Jones) met een lasso om bij de deur te komen. In de kamer fladderden Lego vlinders, zat er een Lego aap op het nachtkastje en hing er een Lego piratenlogo aan de muur. Op de muur stond een schatkaart en aan ieder detail was gedacht. Op de kamer was het erg warm en was geen airco maar we besloten om toch een uurtje rust te nemen. Er stond een doos met Legoblokjes op de kamer en zo konden we naar hartenlust spelen. Het was zo leuk dat we helemaal niet weg wilden. Toch gingen we nog even het park in.

Bij een shop kregen we een grote braincooler in een speciale hervulbare beker. We bezochten de 4D Lego Chima film in de filmstudio en maakten een ritje in de Monorail. We raakten Ronac nog even kwijt bij het Miniland Star Wars maar vonden hem gelukkig vrij snel even verderop weer terug.

In de MiniBoats maakten we een “cruise” langs monumenten over de hele wereld. Ze voeren we onder andere langs het Vrijheidsbeeld, het Koninklijk Paleis in Bangkok, de Acropolis en de piramiden van Gizeh. Net voor sluitingstijd stapten we in de Pirate Splash Battle. We stapten in een piratenboot en namen plaats achter de waterkanonnen. Alle hands aan dek, klaar om te vuren en de tegenstanders nat te spuiten met het kanon. Het was een waterfestijn en we werden ook vele malen geraakt door onze tegenstanders. Uiteindelijk stapten we zeiknat weer uit de boot.

Gelukkig is het warm en ging het park sluiten. We gingen terug naar de kamer om ons op te laten drogen voordat we een hapje zouden gaan eten. Om 20:00 uur gingen we naar het panoramarestaurant waar een tafel voor ons gereserveerd was. We hadden gekozen voor een buffet en er was genoeg lekkers om uit te kiezen. Er was veel vis maar ook vlees, salades, pasta en friet in de vorm van Legoblokjes.

We aten goed en toen we vol waren vertrokken we naar de grote Legobak zodat wij konden bouwen en pappa en mamma nog even rustig konden eten. We lagen uiteindelijk pas om 23:00 uur in bed maar hebben dan ook een geweldige dag gehad.

Dag 19; Byglandsfjord; Skinny dippen

Vanwege het laat naar bed gaan van gisteravond moesten we vanmorgen wat slaap inhalen. We werden wakker omstreeks 09:30 uur. We genoten van een lekker ontbijt op ons balkon met uitzicht over de bergen en het fjord. Het was vandaag helaas iets minder warm maar droog en zo konden we toch iets ondernemen. Bij de receptie van de camping huurden we een roeiboot om het fjord op te gaan.

We deden reddingsvesten aan en namen de peddels mee naar de aanlegsteiger. Hier stapten we in een van de roeibootjes die er lagen. Met pappa achter de peddels roeiden we naar het kleine eilandje dat tegenover onze camping in het fjord ligt. Bij het eilandje Bøøyi meerden we aan en trokken de roeiboot op het strand. Aan de andere kant van het eiland hadden we mensen met een kajak gezien maar hier zagen of hoorden we ze niet. Wat een mooie en rustige plek. Samen met pappa ging ik zwemmen in het water.

Het was een stuk kouder dan gisteren omdat het meer bewolkt was. Pappa had geen zwembroek mee en sprong zomaar in zijn blootje in het water. Het wordt ook wel skinny dippen genoemd. Na een tijdje stapten we in de roeiboot en voeren we om het eiland heen. We konden hier niet aanmeren en daarom sprongen we vanaf de boot rechtstreeks in het koude water om te zwemmen.

Mamma roeide verder om het eiland heen en we stopten nog even bij het eerste inhammetje. Allemaal waren we nieuwsgierig geworden naar het skinny dippen en we trokken allemaal onze kleding uit. Gezamenlijk stapten we helemaal naakt het koude water in. Het was een beetje vreemd om zonder iets aan in het frisse water te zwemmen. Ik was een beetje bang dat er onverwacht iemand aan zou komen en ons dan in ons blootje aan zou treffen. Toen we in de verte een kajak aan zagen komen, wist ik dan ook niet hoe snel ik uit het water moest gaan om mijn broek aan te doen. We roeiden terug naar de camping en waren rond 15:00 uur terug bij onze hut.

Esther en Daniel waren ook terug van hun uitstapje en we dwaalden gezamenlijk over de camping. Na een tijdje kwam Matthijs aangerend, hij was net gearriveerd en wilde meteen met ons voetballen. Ook Martijn en zijn ouders Monique en Jeroen waren vandaag aangekomen op de Neset camping. Het avondeten hadden we bij het restaurant/cafetaria van de camping. Een lekkere hamburger met frietjes. Ik wist niet hoe snel ik hem op moest eten zodat ik daarna direct weer met mijn vrienden kon gaan spelen.

We speelden samen met de pappa’s een partijtje voetbal op het grote veld. Later op de avond bracht mamma Ronac naar bed en hing ik alleen met mijn “grote vrienden” (Matthijs en Martijn) op een bank bij het cafetaria. We hadden op deze plaats het beste internetbereik en zo konden we muziek luisteren op de mobiele telefoon van Matthijs. Ondanks dat ik flink wat jaartjes jonger ben, hadden we het erg gezellig met elkaar. Mamma noemde ons de “hangjeugd” van de camping toen ze mij om 23:00 uur kwam halen om naar bed te gaan.

Dag 18; Byglandsfjord; Setesdal

De wekker ging erg vroeg af vanmorgen. We bleven een kwartier langer liggen en stonden rond 7:00 uur op. Keyro werd zoals bijna alle dagen het laatste wakker en stond als laatste op. Alles was al ingepakt in de auto en het wachten was op Keyro. Uiteindelijk reden we om 8:10 uur de camping af en hadden we een rit van totaal 350 kilometer voor de boeg.

Het eerste stuk ging via de E13 in de richting van Odda. De weg liep langs het fjord en op de oevers waren veel fruitboomgaarden te zien. Het gebied is te vergelijken met onze Betuwe. We zagen appel, peren, pruimen –en kersenbomen. Ook werd er langs de weg fruit uit de boomgaarden verkocht. In de stalletjes werden op dit moment voornamelijk kersen verkocht. De kersen waren 50 NOK voor een bakje van 500 gram en eigenlijk een beetje te duur.

In Odda stopten we bij een tankstation voor het vullen van onze 60 liter tank. Hier eindigde ook het fjord en gingen we de bergen weer in. Opnieuw langzaam rijden, maximaal 60 kilomter per uur en veel bochten. We kwamen door verschillende tunnels en langs prachtige meertjes waarin lucht en bergen weerspiegelden. We maakten een korte stop bij de Låtefossen waterval, een tweeling waterval die direct langs de weg lag.

Op een gegeven moment buigen we af naar de E134 richting Røldal en komen we door een bergachtig gebied. In de winter sneeuwzeker en goed om te skiën. Na weer een uur rijden nemen we de afslag naar RV9 in de richting van Hovden. Daar haalden we bij de supermarkt wat broodjes die we later bij een mooie picknickplaats langs de autoweg nuttigen. We hadden vandaag niet alleen een brood (Kanalsbrot) maar ook pizzabroodjes en prinsessenbrot (brood met krenten en room in het midden).

Voor het eerst deze vakantie neemt mamma het stuur van pappa over omdat hij toch wat vermoeid was van het rijden. Voor mamma was het wel even wennen in de auto. Het is tenslotte een automaat en het piepen van de snelheidsoverschrijder maakte haar af en toe woest.

Na een kilometer of honderd nam pappa het stuur weer over voor het laatste gedeelte. In het zuidelijke deel van het Setesdal lag de Neset camping. Het is prachtig gelegen tussen de bergen en direct aan het Byglandsfjord. De camping was groot en er bleken veel Nederlandse gasten te zijn. We checkten in om 15:00 uur en we kregen drie sleutels mee en konden kiezen uit drie kampeerhutten. We namen uiteindelijk de hut met de slaapbank en één stapelbed.

Qua oppervlakte was deze net wat ruimer dan de andere twee hutten. Het enige nadeel was dat deze hut geschakeld zat aan een andere hut en dus niet vrijstaand was. Onze buren bleken oude bekenden te zijn namelijk Esther, Daniel en hun ouders. Zij waren hier een dag eerder gearriveerd. Vanaf het balkon hadden we een mooi zicht over het water en de camping. Terwijl pappa en mamma wat spullen uitlaadden, gingen wij er direct vandoor om de camping te verkennen. Ook hier weer voldoende ruimte en speeltoestellen voor ons. En natuurlijk was er een strand waar we zo het water in konden om te zwemmen. Al snel gingen we terug om onze zwembroeken te vragen.

Pappa en mamma gingen wel mee naar het water want mijn zwemdiploma heb ik natuurlijk nog niet. Keyro zwom met Esther naar een ponton om daar vanaf verhogingen in het water te springen en te duiken. Uiteindelijk nam pappa mij ook zwemmend mee naar het ponton en kon ik er ook en keer vanaf springen. Samen met Esther zwom ik nog een paar keer op en neer. Wat hadden we geluk met dit mooie en warme weer (circa 26 graden).

We maakten nog meer vriendjes Suus van 9 jaar en Jip van 11 jaar. Het was een gezellige kinderbende in het water. ’s Avonds aten we spaghetti met ham en tomatensaus. We aten binnen omdat er buiten veel te veel wespen rond circuleerden. Helaas wisten ze ondanks dat we de deur dicht hadden zich toch een weg naar binnen te vinden. Na het eten vertrokken we weer naar buiten om te spelen langs het water. Keyro en Esther zwommen tot 22:00 uur maar ik bleef lekker aan de kant in het zand. We gingen laat naar bed maar ik had me prima vermaakt vandaag.

Dag 12; Åndalsnes; Rozenstad Molde

Keyro was vandaag als eerste wakker om 8:30 uur. Ik was vannacht stiekem bij pappa en mamma in bed gekropen en Keyro kwam mij zoeken. Al snel waren we allemaal wakker en stonden we op. Pappa en mamma hadden gelukkig geen kater van de alcohol en na de ochtendrituelen vertrokken we met de huurauto. We reden in de richting van Nesset en het einddoel was het rozenstadje Molde. We volgden het eerste deel de weg 64 om het Romsdalfjord heen. Onderweg maakten we stops om te genieten van de prachtige uitzichten over het fjord en de bergen.

We stopten ook bij een klein haventje waar veel vissersbootjes lagen. Ook waren hier vissers bezig met het schoon maken van hun vangst. De vissen werden ontdaan van hun ingewanden en gefileerd. Wij stonden een tijdje geïnteresseerd te kijken. De visser vertelde in het Duits dat hij “seelachs” had gevangen. Seelachs wordt in Duitsland ook wel zeezalm genoemd. In Nederland noemen wij de vis, koolvis.

Het is een kabeljauwachtige vissoort en leeft in zoutwater. De vis heeft een zachte smaak en de filet blijft stevig na bereiding. Van de visser kregen wij de gehoorbeentjes van de vis. Deze gebruikt de vis niet alleen om mee te horen maar ook voor het evenwicht en de balans in het water. Kenners kunnen aan de gehoorbeentjes de leeftijd van de vis aflezen. We reden door en vlak voor Molde parkeerden we bij de jachthaven de auto bij een recreatiestrook langs de Fannefjorden. Hier genieten veel Noren van het prachtige weer en wij voegen ons daarbij.

Na een boterham en een stuk koude pizza begeven wij ons naar het zandstrandje. Keyro en pappa wagen het nog om in het koude water een stuk het fjord op te zwemmen, brrrr. Tegen 15:00 uur pakken we alles weer in en rijden we door naar Molde. Het staat bekend als rozenstad omdat er veel rozentuinen te vinden zijn. Wij zagen de rozen niet. De ligging van Molde is wel mooi en dat is tegen een beschutte helling aan het Moldefjord, een aftakking van het Romsdalfjord. Wij bezochten het Romsdalsmuseet, een openluchtmuseum met diverse huizen uit de omgeving van het Romsdal.

Het is het grootste volksmuseum in Noorwegen. Hier kregen we een goede indruk hoe met name de boeren en vissers in de omgeving van Molde leefden in de Middeleeuwen(16de eeuw) tot en met de jaren zestig van de 19de eeuw. De huizen zijn omgeven door een park met veel bomen, bankjes en het was een oase van rust. We vonden een struik met frambozen en wisten de rijpe te plukken en op te eten. In de “bygata”, de dorpsstraat dronken we bij Mali’s café een verkoelend colaatje.

Op de terugweg reden we eerst door de Fannefjordtunnelen naar het eiland Bolsøya. Vervolgens verlieten we het eiland vrij snel weer via een spectaculaire en zeer steile brug. Na een fotostop reden we door totdat de weg bij Sølsnes op hield en we met een veerdienst de overtocht moesten maken. Met een veerpont staken we het Langfjorden over naar het plaatsje Åfarnes waar de weg verder ging. Het was een korte oversteek maar voor ons wel spannend. De veerboot ging net vertrekken en wij reden onze auto nog net als laatste aan boord. We betaalden 133 NOK voor 4 personen en de auto. We konden uit de auto, liepen rond en hingen uit een patrijspoort om uitzicht te hebben over het fjord. We arriveerden rond 17:30 uur weer bij onze bungalow.

We hadden daar een goed avondmaal bestaande uit een salade met verse garnalen en een pasta met tonijn. Ik moet zeggen dat pappa en mamma ondanks de tweepits-kookplaatjes iedere dag een fantastische maaltijd op tafel weten te zetten. Na het eten voetbalden Keyro en mamma tegen elkaar en wist mamma het potje te winnen met 10-9. Voordat we naar bed gingen kregen we nog een stuk watermeloen.

Pappa maakte die avond nog een wandeling over de Romsdalseggen. Hij wandelde de berg op en had prachtige uitzichten over het berglandschap met de Trolltinda, Romsdalhorn en Vengetidene. Beneden in het dal zag hij de Raumarivier zich slingeren door het landschap en hij zag het fjord en het dorp Åndalsnes.

Dag 11; Åndalsnes; Romsdalsfjord

Pappa stond vandaag al om 7:30 uur op zodat hij op tijd bij de Ford garage kon zijn. Wij sliepen tot 9:15 uur uit en werden net wakker toen hij terugkwam. Toen we de gordijnen opendeden zagen we een groot cruiseschip in de haven liggen. Åndalsnes staat bekend als cruisehaven door zijn schilderachtige ligging aan het Romsdalsfjord en het begin van het Isterdal waar de ook de Trollstigen route start.

Wij maakten ons klaar en we hadden best honger. Onze overnachting was inclusief ontbijt dus gingen we op zoek naar de ontbijtzaal. We vonden de zaal al snel en het was er niet meer zo druk. Er was volop keuze; eieren, spek, bonen in tomatensaus, worstjes, muesli, fruit, brood etc. Ik at mijn buikje rond en probeerde ook de Noorse bruine geitenkaas: “brunost”. Het smaakte zoet en een beetje karamelachtig. Ik vond het erg lekker.

Na het ontbijt checkten we uit en lieten we onze rugzak met spulletjes achter bij de receptie. We wandelden door het kleine centrum in de richting van het Romsdalsfjord. Het fjord is 88 kilometer lang en is zeer visrijk. Al snel vonden we de Kammen, een soort van strandje aan het fjord waar wij lekker onze gang konden gaan. Het uitzicht was prachtig, het brede fjord en aan alle kanten omringd door bergen. Het water was nog wat koud dus bleven we lekker spelen in het zand.

Rond 11:30 uur vertrok pappa weer naar de garage om naar de stand van zaken te vragen. Hij keerde een uur later terug met vervelend nieuws. Er was iets met de koppeling en daarvoor moesten onderdelen besteld worden, die kwamen de dag erna binnen en ze konden de reparatie dan pas donderdag uitvoeren. Voorlopig zitten we hier dus nog even vast en zullen we de plannen moeten wijzigen. Pappa had bij autoverhuurbedrijf Avis een auto kunnen huren op kosten van Ford zodat we toch wat mobieler waren. We liepen naar de auto, een hybride Toyota Auris en haalden onze rugzak op bij het hotel.

Vervolgens gingen wij op zoek naar accommodatie voor twee nachten. Bij de tweede poging (Romsdal hytte leie) was het raak en was er een hytter beschikbaar. De prijs lag hoger dan de kampeerhutten die we tot nu toe gehad hadden maar daar was de hut ook wel naar. Er was een grote woonkamer met keuken en inventaris, twee slaapkamers en twee douches met toiletten. Voor onze hut was voldoende ruimte met gras om een lekker potje te voetballen. We reden naar de garage om daar nog wat meer spullen uit onze auto te halen. We deden meteen wat boodschappen voor de komende twee dagen.

Voor de lunch aten we een kop soep met brood. De middag kwamen we door met relaxen, een potje kaarten en voetballen. In onze hut hadden we een oven dus maakten we in de avond lekkere pizza’s met een goed gevulde fetasalade. Als toetje hadden we yoghurt met verse frambozen, heerlijk! In de avond speelden we met zijn vieren nog wat potjes kwartet en pesten. We hadden heel veel lol en lachten wat af. Rond 20:30 uur gingen we douchen en een half uur later lagen we in bed. We waren nog moe van gisteravond en sliepen beiden binnen tien minuten. Pappa en mamma genoten van de rust en dronken bijna een hele fles sambucca leeg. Ik ben benieuwd of zij morgen op tijd op kunnen staan en geen kater hebben, haha.