De Dadès vallei

Het was vandaag moeilijk om wakker te worden en op te staan. Uiteindelijk zaten we om 8:45 uur aan het ontbijt. We zouden om 9:30 uur starten met de wandeling. Het was nog koud maar het zonnetje begon al aardig te schijnen.

Onze gids heet Olaiyd en we hadden hem gisteren en vandaag al aan het werk gezien in het hotel. Hij vroeg ons wat geduld te hebben en even te wachten. We gingen naar buiten en genoten vanaf het terras van het uitzicht. Wat een verschil was met gisteren.

Om 10:00 uur kwam Olaiyd zich verontschuldigen dat onze lunch nog gemaakt moest worden en we nog niet konden vertrekken. Uiteindelijk was alle klaar en konden we gaan. We liepen een klein stukje langs de weg en sloegen daarna af de wadi (vallei) in.

We liepen langs de rivierbedding die vol met stenen ligt en er stroomt water doorheen.  We liepen langs akkers waar graan (gerst, tarwe), wortelen, kool en aardappelen verbouwd worden. Ook staan er veel palmbomen, amandelbomen en vijgenbomen. Veelal voor lokaal gebruik. We kwamen door slaperige berberdorpjes en langs stoffige ingestorte kashba’s. Zomaar ineens stonden we voor de kleurige rode bergen en vreemd uitziende rotspartijen. Hier loopt een smal bergpad de bergen in.

De tocht bestaat uit drie delen. Het eerste deel was vrij gemakkelijk lopen maar al snel werd het smaller en we moesten we flink gaan klimmen. Dit is dus het tweede deel. Op sommige stukken moeten we ons zien te redden op de bijna verticale rotsen. Met kleine pasjes liepen we over smalle richeltjes en trokken we ons omhoog aan de rotsen om de weg te vervolgen. Sommige stukken waren weer smal en waren we bang dat mamma kwam vast te zitten.

Voor hele dikke mensen is deze route niet aan te bevelen. We kwamen ook twee karkassen van berggeiten tegen die in de winter door het water in de kloof waren verdronken. Olaiyd steekt ons vaak een helpende hand uit maar de meeste tijd loop en klim ik als eerste naar boven. Het laatste stuk naar het plateau was een flinke klim en ging bijna steil omhoog. Olaiyd vertelde ons om rustig aan te doen en heel voorzichtig te zijn.

Ik ondervond geen problemen en stond als eerste boven. Leuk om mamma en Keyro zo te zien zwoegen. Het plateau is grauw en dor en er staan alleen maar rotsplanten en struiken.

We moeten nog een stukje lopen totdat we bij een berberwoning komen. De woning is uitgehakt in de rotsen. We worden door de familie (moeder met drie kinderen) uitgenodigd om binnen te komen kijken. Het is niet groot en best donker. De moeder en dochter verzorgen een kop thee.

Nu niet alleen met mint maar er bleek ook verse tijm aan toegevoegd te zijn. Naast de grot is nog een kleine ruimte waar het vee gestald staat. Er liep een ezel, een jonge geit en een kip. De jonge kinderen keken verlegen naar ons.

De dochter was bescheiden en verlegen maar ondanks at zeer geïnteresseerd in foto’s die we konden laten zien op de display van onze spiegelreflexcamera. De terugweg gaat bergaf en is een stuk gemakkelijker te lopen.

We komen weer uit in de groene vallei maar gaan nog niet terug. We lunchen op een vlak stuk met gras langs de rivier. Het broodje met kip, paprika en uien was het wachten wel waard geweest. Het was veel en er was ook nog banaan en sinaasappel.

De zon scheen behoorlijk fel en het werd aardig warm. We lopen nog een stuk tot we uitkomen bij een plek waar de rivier flink stroomt. We houden een rustpauze bij het water.

Ik was al aardig moe en er werd besloten om terug te lopen naar het hotel. We steken de (op deze plek) flink stromende rivier over. Geen stevige brug maar een smalle boomstam. Het grootste gedeelte van de terugweg lopen we langs de openbare weg.

Goed opletten want sommige auto’s scheurden toch nog best hard langs. Mamma nam me de laatste paar honderd meter op haar rug, super lief.

We waren rond 16:00 uur terug en verlangden naar een lekkere douche. Helaas viel dat tegen en werd het water niet warm. We spoelden ons snel schoon en droogden ons snel weer af. We deden het verder rustig aan. In de avond aten we weer bij het hotel. Helaas werd er exact hetzelfde eten geserveerd als gisteren. Na het eten waren we moe en gingen we direct slapen. Morgen rijden we verder naar nog een kloof in het Atlasgebergte en wel de bekende Todgha (Todra) kloof.

De rozenvallei

De dag begon met het typische Marokkaanse ontbijt. Bijna overal bestaat het tot nu toe zo’n beetje uit dezelfde ingrediënten. Met volle buikjes zetten wij de spullen weer in de auto om de Dadès vallei verder in te trekken. Het eerste stuk zou ongeveer een kilometer of veertig rijden zijn. Het gebied waar we vandaag door heen kwamen staat bekend als de rozenvallei.

De vallei dankt haar naam aan de talloze rozenstruiken die langs de oevers van de Dadès -rivier groeien. Bij het binnen rijden van Kelaa M’gouna zien we heel veel advertenties en winkeltjes die producten met rozen verkopen. We wilden een fabriekje bezoeken waar de rozen verwerkt worden maar gezien de donkere lucht in de verte besluiten we eerst door te rijden in de richting van Bou Tharar voor een korte wandeling.

We stopten nog bij een uitzichtpunt waar we hoofddoeken kopen voor onze tocht in de woestijn. We betalen er achteraf gezien veel te veel voor maar ja. De verkoper deed alle moeite om ons aan te kleden en foto’s te maken. We rijden verder door schilderachtige en slapende dorpjes. Het lijkt alsof we steeds verder terug gaan in de tijd. We zien ezels met kar en Marokkanen in traditionele kledij om even later weer afgewisseld te worden met een luxe auto en moderne geklede Marokkanen.

We stoppen langs de weg bij een gesloten restaurant om te zien of we daar vandaan kunnen wandelen in de vallei. We worden direct aangesproken door een oudere man die ons zegt waar we de auto kunnen parkeren en waar we naar toe kunnen gaan om te wandelen. Niet veel later gingen wij op weg. Het verhaal gaat dat in de 10e eeuw Mekka-reizigers een bepaalde rozensoort mee namen naar Marokko en deze hier plantte. Een ander verhaal vertelt dat de Feniciërs uit Persepolis in het oude Perzië de kleine, roze Perzische roos meebrachten.

Welk verhaal de juiste is weten we dus niet. We lopen langs vruchtbare akkertjes en zagen al snel de vele rozenhagen. Ze dienen als bescherming voor het land en tegen de loslopende geiten en schapen. Rozen worden al duizenden jaren gehouden om hun schoonheid. Ze worden bij veel rituelen en symbolen gebruikt en hebben verschillende betekenissen. Zo zijn rozen het symbool van de liefde maar kunnen ze ook symbool zijn voor rouw en dood.

De bloei van de rozen is van half april tot half mei en wij waren hier dus op het juiste moment!  Overal zagen we in de struiken de mooie roze rozen. De roos wordt vooral gebruikt voor de cosmetische en parfum-industrie. De blaadjes worden verwerkt in Franse parfums en andere geur- en smaak producten.  In de winkeltjes in de omgeving wordt rozencrème, rozenlotion, rozenzeep, rozenwater en rozenolie verkocht.

De bloemblaadjes worden met de hand geplukt en de olie wordt eruit gewonnen door stoomdestillatie. We dalen af naar de rivierbedding en steken de rivier over die in de loop van de jaren diepe geulen hebben uitgesleten in de bergen. Via een smalle balk steken we over. We lopen door een woud met fel groene planten en bomen.

Het gebied wordt gekenmerkt door het lichtroze tot diep rode gesteende van de bergen met op de achtergrond de Ighil M’Goun, die met zijn 4071 meter de op één na hoogste berg van Marokko is. Tussen de akkers zagen we een  irrigatiesysteem die ervoor zorgt dat alles hier zo goed kan groeien en bloeien. Er wordt van alles geteeld op de akkers en boomgaarden. Van granen, wortelen, kool, fruit et cetera. We lopen door een slapend dorpje met enkele huizen en keren hierna via een andere route weer terug naar de auto.

De uitzichten tijdens de wandeling waren fantastisch. We rijden in de auto door tot Bou Tharar maar dit dorp stelt niet zo heel veel voor. We draaien om voor de terugweg  naar Kelaa M’gouna .Ronac wordt ook tijdens deze rit weer misselijk en moest weer overgeven. Deze keer richtte hij minder goed in de plastic zak en we moesten een stop maken om hem schone kleding aan te doen. Halverwege komt de regen ineens met bakken uit de lucht. Goed dat we eerst de wandeling zijn gaan maken. Vanaf Kelaa M’gouna vervolgen we de weg voor de laatste vijfentwintig kilometer naar Boumalne de Dadés.

Een rozendestilleerderij komen we helaas niet meer tegen maar we besluiten om hier niet voor terug te rijden. We besluiten om de afslag naar de Dadeskloof te negeren en door te rijden naar het centrum van Boumalne om daar te lunchen. We rijden enkele keren de weg op en neer voor een parkeerplekje. Blijkbaar werd het gezien en plotseling werd er een parkeerplekje vrij gemaakt voor een restaurantje. We parkeren de auto en gaan naar binnen. Het restaurantje was simpel maar zag er verder netjes en schoon uit. We bestellen een sandwich en pappa en mamma nemen de kebabschotel.

Het is redelijk snel klaar en de porties enorm. We eten smakelijk. Na de lunch halen we wat eten en drinken en pinnen we weer wat geld. Bijna alles moet contant betaald worden en je pint maximaal maar € 200 en dan is het snel op. We verlaten Boumalne en rijden in de regen de Dadès kloof in. De weg naar de kloof is zestig kilometer lang en bleek zigzaggend door het landschap te lopen. Na iedere haarspeldbocht werden we verrast met spectaculaire uitzichten. Jammer van de regen en hopelijk is het morgen droog.

Onze accommodatie ligt op Onze accommodatie ligt op 18 kilometer van Boumalne in het gehucht Tamellalt. Auberge La Vallée des Figues  is gebouwd in traditionele Berberse stijl. We parkeerden de auto en gingen naar binnen. Ook hier weer ontvangst met Marokkaanse thee en allerlei zoetigheden. Omdat we vroeg waren konden we uit twee kamers kiezen. Iedere kamer bleek een terras te hebben met uitzicht op de bergen en valleien.

We zouden hier twee nachten verblijven.  Aan het einde van de middag klaarde het weer wat op maar het bleef goed koud (10 graden). Pappa en mamma gingen samen nog een wandelingetje maken. Wij hadden geen zin want voor morgen hadden we al een gids geregeld en moeten we dus ook gaan lopen. Volgens pappa en mamma is de omgeving prachtig.

Tijdens de wandeling liep er (ongevraagd) een jongen, Jamaal, met hun mee en hij liet ze berbergrotten zien en verlaten kashba’s. We hadden het diner bij de accommodatie. We hadden om 19:30 uur afgesproken maar moesten uiteindelijk toch wachten tot alle gasten beneden waren zodat het diner voor iedereen gelijktijdig werd geserveerd. We kwamen de tijd door met verschillende kaartspelletjes.

We kregen vooraf een soep met groenten en couscous en die moesten we met een soort pollepel uit de soepkom eten. Het tweede gerecht was pasta met kip en groenten. We aten goed en toen bleek dat we nog een hoofdgerecht kregen namelijk tajine rundvlees met vijgen. Een specialiteit van deze regio. Het dessert bestond uit fruit wat goed is om onze vitamientjes op peil te houden. We lagen uiteindelijk pas om 22:30 uur in bed.

Station Hombourg

We maakten vandaag een uitstapje in de buurt. We reden naar het dorp Hombourg en even buiten het dorp bevind zich een voormalig spoorwegstation. Het station Hombourg werd in 1895 gelijktijdig geopend met het deel van lijn 38 dat door het Land van Herve loopt. Tijdens de Tweede Wereldoorlog werd het station gevorderd door Adolf Hitler en werd het deel van de Deutsche Reichsbahn.

Dagelijks gingen er zes heen- en terugritten naar het Duitse Aachen. Deze pendeldienst werd in gebruik genomen toen de tunnel tussen Hombourg en Hindel werd vervangen. Het Belgische leger had deze tunnel in 1940 opgeblazen. Sinds 1958 is het station niet meer in gebruik en sloot het haar deuren in 1962. Na een leegstand van bijna twintig jaar werd het station en een groot gedeelte van het spoor in 1983 verkocht.

De particuliere eigenaar wilde er een spoorwegmuseum van maken. In het oude station werd een café / restaurant gemaakt. De spoorlijn is gerestaureerd met het idee dat de oude treinen naar het station gereden konden worden.

Tegenwoordig staan er langs het spoor tientallen oude treinen, locomotieven en verlaten wagons. Velen zijn vervallen, leeg of staan vol met rommel.

Het is een paradijs voor fotografen en wij poseerden af en toe voor mamma bij de treintoestellen. We liepen het spoor af en liepen nog verder door langs het huidige spoor dat nu gebruikt wordt.

We kwamen uit in de buurt van het grote rangeerterrein van Montzen maar liepen terug richting de auto. Op een terras in het kleine leuke centrum van Hombourg dronken we een lekker glas bier en fris. Het was daarna nog maar een klein stukje teruglopen naar de auto.

Wandelen rondom Noorbeek

We hadden vandaag afgesproken met de familie Vrijhoeven om een stuk te gaan wandelen. Helaas belde Maurice de afspraak af omdat Tim in de nacht ziek was geworden. Wij besloten om toch te gaan wandelen. We reden naar Noorbeek een klein dorp in het Limburgs Heuvelland. Het is een van de meest zuidelijkst gelegen plaatsen in Nederland. Het dorp ligt verscholen in het dal waar de beek de Noor door heen loopt.

We parkeerden de auto op een centrale parkeerplaats in het dorp. Op de kaart zochten we een wandeling uit en we gingen op weg. We kwamen langs de prachtige Sint Brigade kerk. Het is gebouwd rond het jaar 1500.  Sinds 1634 wordt elk jaar op de tweede zaterdag na Pasen door de Jonkheid (ongetrouwde mannen) in een naburig bos met circa dertig versierde trekpaarden de Brigida-den gehaald.

Bij terugkomst wordt de den s’ avonds door de getrouwde mannen met “sjtiepen” (ronde lange houten richtpalen) recht gezet. Na het opzetten van de den kan de kermis beginnen. Het is ter herinnering aan de gevreesde veeziekte de pest die in 1634 in Noorbeek heerste. De H. Brigida werd aangeroepen om deze ziekte uit te roeien en het wonder geschiedde. We hadden het dorp al snel achter ons gelaten en liepen door een prachtig landschap.

Meidoornhagen, boomgaarden, akkers en grasland passeerden we. In de kale bomen zagen we veel groene bollen. Het bleek om de maretak (ook wel mistletoe of vogellijm genoemd) te gaan. Het is een halfparasiet die in de bomen groeit en alleen goed gedijd in kalkrijke bodem. In dit gebied is dat dus het geval en de bollen waren al snel niet meer te tellen zoveel waren het er. De plant is beschermd en je mag hem dus niet plukken. De maretak zit vooral in populieren en appelbomen en zuigt met zijn wortels de voedingssappen van zijn gastheer weg. Het is een halfparasiet omdat de plant zelf doormiddel van zijn bladeren en zonlicht toch ook zelf voedsel kan produceren.

Er gaan verhalen rond over de geneeskrachtige werking van de maretak. Zo wordt de plant te hulp geroepen in strijd tegen diabetes, reuma, wintervoeten, onvruchtbaarheid etc. Ook zou je er slangen mee kunnen verjagen en wordt de maretak gebruik door heksen. In onze cultuur kennen wij de maretak van het mogen kussen van je geliefde als je onder de maretak door loopt. Tijdens onze wandeling liep de route over akkers en door weilanden.

De eigenaren hebben toestemming gegeven om over het land te lopen. De doorgang naar de weilanden gaat via het draaihek (stegel). Deze stegelkes kom je overal in het Heuvelland veel tegen en hielden vroeger het vee binnen het weiland. Na een paar kilometer wandelen verruilen we het Nederlandse grondgebied voor het Belgische grondgebied.

We volgen een pad omhoog en hebben zo een schitterend uitzicht over het hele gebied. De laatste paar kilometers gaan door wat akkers en zijn niet echt mooi dus stappen we flink door. Het moet ook wel want het is flink koud. Het laatste stukje is weer afdalen naar Noorbeek en de parkeerplaats. Snel naar huis gereden en daar een lekkere warme chocolademelk met slagroom gemaakt om weer een beetje op te warmen, heerlijk.

Koud rondje fort Eben Emael

Het was koud maar het zonnetje scheen dus wilden we vandaag toch even naar buiten. Zin om ver te rijden voor een korte wandeling, hadden we niet dus reden we naar Fort Eben Emael net over de grens in België. Het fort is bekend van de strijd in mei 1940 toen een klein team Duitse soldaten het fort in minder dan 15 minuten onder controle kreeg. Het fort stond bekend als reus onder de forten met 17 bunkers, gigantische vuurkracht van munitie en versperringen.

De natuurlijke verdediging, aan de oostzijde van het driehoekig fort lag het Albertkanaal met muren van 60 meter hoog, in het zuiden een tankgracht en in het westen een watergracht maakte het een van de sterkste forten van Europa. Militaire experts zeiden dat het fort onneembaar was. De Duitsers bleken vernieuwende plannen en krachtige wapens te hebben waardoor het fort zo snel veroverd kon worden. Wij maakten een wandeling langs en over het fort. Het is onmogelijk om voor te stellen dat ondergronds een gigantisch complex ligt met keuken, ziekenboeg, slaapzalen et cetera en hier een kleine stad was verborgen.

We genoten van het uitzicht over het Albertkanaal en voetbalden tussendoor wat om een beetje warm te blijven. Ondanks dat het zonnetje scheen stond er een venijnige wind die onze oren goed koud maakte. Toch was het wel even lekker om buiten te zijn en niet de hele dag binnen te zitten op de bank.

Familie sneeuwwandeling

Wat een slaapkoppen zijn het allemaal hier. Ik was om 7:15 uur al wakker maar het duurde een tijdje voor er nog andere volgden. Ik mocht pas van mamma naar beneden toen ze anderen beneden hoorde. Senna, Dayno en Keyro sliepen zelfs tot 10:00 uur uit.

Aan de grote tafel hadden we een gezamenlijk ontbijt met warme broodjes uit de oven. Ik ging naast mijn grote vriend Tonnie (Ton) zitten en samen hadden we veel plezier. Ik speelde verschillende potjes “pesten” met Ton totdat iedereen klaar was met wassen en aankleden. In een boekje had mamma een wandeling gevonden en die wilden wij gaan lopen.

Ondertussen was het buiten begonnen met sneeuwen. We liepen via de doorgaande weg naar het kerkje van Walk. Opvallend aan de huizen was dat ze zijn gebouwd van natuursteen. Bij de kerk stonden we met de rug naar de lindebomen toe en sloegen we een landweggetje in. Het begon steeds heftiger te sneeuwen en het pad was al aardig drassig geworden. Soms was het goed opletten waar je de schoenen neerzette om geen natte voeten te krijgen.

Bij het kuispunt van een aantal bospaden moesten we linksaf maar de rest van de familie wilde sneller richting het kasteel Reinhardstein en we verlieten de route. We kwamen uit in een hoger gelegen bos en moesten afdalen om richting het kasteel te gaan. De paden waren smal, steil en glad door sneeuw en modder. Ik liep als een kievit want dit is mijn ding, leuk!

Oma Evelien en Senna vonden het maar niets en waren voortdurend angstig. Op de weg volgden nog wat obstakels in de vorm van omgevallen bomen. We moesten hier overheen klimmen. Bij kasteel Reinhardstein, gebouwd in de 14e eeuw, was het tijd voor een drankje. Glühwein, chocomel, bier, koffie iedereen bestelde waar hij of zij zin in had. Samen met Ton voerde ik weer een toneelstukje gekkigheid op. Wat was het lachen!

We waren weer opgewarmd en liepen na wat groepsfoto’s gemaakt te hebben weer verder. Op een open vlakte hielden we een sneeuwballengevecht en maakten we een grote sneeuwpop. Daarna kwamen we uit bij de stuwdam van Robertville. Het water van de rivier de Warche wordt hier opgehouden en gebruikt als drinkwater en voor het opwekken van energie.

We staken de dam over en volgden een smal pad langs het stuwmeer. Het was bijzonder mooi om daar te lopen. Langs het pad stonden beuken en brem die met sneeuw bedekt waren, schitterend. Bij terugkomst in het chalet had ik nog niet genoeg van de sneeuw en maakte ik, helemaal in mijn eentje, in de tuin nog een mooie sneeuwpop.

Tegen de klok van 16:30 uur begonnen we met gourmetten. We gebruikten niet de pannetjes maar legden het vlees los op de steengrill. In de avond hadden we twee quizzen. Senna had een algemene quiz gemaakt en pappa en familie quiz. Bij de quiz van Senna werden we in groepen verdeeld. Oma en Edie samen, pappa en mamma samen en Ton samen met alle kinderen.

De quiz zat leuk in elkaar met verschillende soorten vragen. Uiteindelijk wonnen pappa en mamma met een overmacht aan punten de quiz. De familiequiz bevatte vooral weetjes over de familie en een paar mensen werden uitgesloten aan deelname. Uiteindelijk wonnen de kleinkinderen van de aanhang (Edie, Ton en mamma).

Oma Evelien introduceerde het spel “Slavendel” waarbij de spelleider en Slavendel allebei dezelfde persoon een hand gegeven. Je moet het trucje weten anders begrijp je er niets van. Op een gegeven moment dacht Dayno het door te hebben en mocht hij Slavendel zijn. Hij gaf net zoals de spelleider de juiste persoon een hand. Maar al snel gaf  hij eerlijk toe dat hij toen hij naar de gang moest, gespiekt had door het gat boven de open haard.

Het was echt een hilarisch moment. We kwamen niet achter het geheim van Slavendel en gaven het uiteindelijk maar op. Ondertussen was de sauna opgestookt en konden we gaan zweten. Met mamma, Lucia, Dayno en Keyro ging ik de sauna in. Na een kwartier was het tijd om af te koelen. Keyro had zich voorgenomen om met bloot lijf (dus helemaal naakt) in de sneeuw te duiken. Wij dachten dat hij een grap maakte maar hij hield zijn belofte. Hij sprong recht in de sneeuwlaag die op de tuintafel lag.

Dayno kon niet achter blijven en deed het ook. Knap hoor mannen. Brrr, ik vond het veel te koud en deed het maar niet. Na twee sessies hield ik het voor gezien en moest ik van pappa en mamma mijn bed opzoeken. Ik was toch wel moe en sliep al snel.

Wintersfeer in Geldrop

Ons jaarlijks kerstuitstapje met de familie Lemmens hadden we vorige week door de hevige sneeuwval moeten verplaatsen naar vandaag. Wij reden naar Mierlo en hadden daar gezamenlijk een lunch. We gingen een stukje wandelen in de bossen van Mierlo. De Molenheide is het bosgebied tussen Geldrop en Mierlo. Tegenwoordig is het een dennenbos maar vroeger vond je in dit gebied voornamelijk heideveld. Vlakbij de Tv toren zijn speelvoorzieningen en er ligt een trimbaan met een aantal bewegingstoestellen.

Wij liepen het parcours van de trimbaan en probeerden de oefeningen op de toestellen ook uit te voeren. We verplichten onze pappa’s ook om mee te doen. Soms weken we iets af van de uitleg omdat de grond koud en nat was. Kyomi vond dit af en toe niet leuk en bleef maar roepen dat we het niet goed deden. Na de wandeling reden we naar Geldrop waar het evenement Wintersfeer Geldrop was. Het centrum van Geldrop is gehuld in kerstsfeer. In het centrum was een schaatsbaan opgebouwd en daar omheen waren gelegenheden om te eten en te drinken.

Voordat we aan ons schaatsavontuur begonnen, dronken we eerst een drankje bij Heerenhuys 23. We waren al snel weer opgewarmd, rekenden af en liepen naar de schaatsverhuur. We trokken de schaatsen aan en moesten alleen de baan op. Onze pappa’s en mamma’s mochten niet mee en durfden zelf niet op de schaatsen te staan. We reden op hockeyschaatsen en hadden moeite om evenwicht te houden. Ik had voor een half uur wel een pinguïn gekregen maar na een rondje had ik besloten dat ik deze niet nodig had.

Met vallen en opstaan zou ik het gaan leren. Ik bleef rondje na rondje oefenen tot ik niet meer zou vallen maar dat lukte helaas niet. Helaas moesten we na een uurtje al stoppen omdat we hadden gereserveerd bij Mr. Chang in Aalst-Waalre. In dit restaurant aten we Aziatische tapas. Van de menukaart kies je diverse gerechten die in kleine porties worden geserveerd.

We hadden onder andere pannenkoekjes met eend, garnalen, ossenhaas, loempia’s en nog veel meer lekkere gerechten. Alle gerechten even verrassend en lekker. Echt een genot om hier te eten! Als afsluiter kregen wij nog een lekker ijsje. We reden eerst terug naar Mierlo om onze auto op te halen en daarna reden we direct door naar huis. Het was een lange maar leuke dag en gelukkig hebben wij bijna vakantie.

Sneeuwwandeling Signal de Botrange

De afgelopen dagen had het in de hoger gelegen van de Belgische Ardennen gesneeuwd. Tijd om de skibroeken en sneeuwschoenen van zolder te halen en een heerlijke winterse wandeling te gaan maken. We vertrokken rond de klok van 11:00 uur in de richting van Signaal van Botrange (Signal de Botrange) in de Hoge Venen.

Met 694 meter het hoogste punt van België. In 1804 werd er een houten toren voor landmeetkundige metingen gebouwd door de Franse kolonel Tranchot. In 1899 werd deze vervangen door de Duitsers en kwam er een 30 meter hoge toren voor in de plaats.

Deze toren werd gebruikt om de grens met België te bewaken. Pas na de eerste wereldoorlog werd dit gebied bij België gevoegd. De huidige toren staat hier vanaf 1934. Het gebied waar wij gingen wandelen maakt deel uit van Natuurpark de Hoge Venen- Eifel.

De hele rit was er geen sneeuwvlokje te bekennen maar zomaar ineens, de laatste paar kilometer, begon het steeds witter te worden. Het was nog niet zo druk (12:00 uur) en op de parkeerplaats was plek genoeg. De bewolking maakte plaats voor een strak blauwe lucht met een lekker zonnetje. Koud was het wel maar met onze skikleding aan waren wij goed beschermd

Er lag ongeveer 15 centimeter sneeuw prachtig! Bij deze hoeveelheid sneeuw is het net mogelijk om ook te gaan langlaufen maar er waren nog geen aangelegde langlaufpistes. We volgden een pad dat ook voor langlaufen gebruikt wordt en dat rondom de veengebieden liep.

De vlonderpaden waren bedekt met sneeuw en zouden glad zijn en we hadden geen zin om in één van de vennetjes te vallen. Het gebied waar we doorheen liepen was licht glooiend zonder steile hellingen. We doken geregeld in de verse sneeuw die langzaam aan het smelten was in de zon. We liepen niet snel maar dat maakte ook niets uit.

De wandeling was in totaal een kilometer of zes en we hadden de tijd. De zon ging rond een uur of twee schuil achter de wolken en het werd meteen een stuk kouder. We stapten flink door en waren rond de klok van 15:00 uur weer bij de parkeerplaats.

Het was een stuk drukker geworden en er stonden zelfs auto’s geparkeerd langs de kant van de weg. We reden direct naar huis en haalden bij de Lidl de ingrediënten voor warme chocoladele met slagroom. In de avond hadden we een uitgebreid tapasdiner. Zo’n dag in de buitenlucht maakt hongerig dus bijna alles ging op.

Rondje Heuvelland

Samen met onze vriendinnen Tina, Melanie en kinderen Lieke en Linou zijn we een leuke wandeling gaan maken in het Limburgse Heuvelland. We spraken af op een parkeerplaats in Mechelen en startten daar vandaan onze wandeling. Het dorp Mechelen is ontstaan als nederzetting rond een landgoed dat door de hertog Hendrik III geschonken werd aan de Johannieterorde. In 16e eeuw werd het klooster vernietigd door een brand en vertrokken de Johannieters naar Aken.

We gingen een draaihek door en kwamen in een weiland terecht. Als snel kwamen we een kudde Galloway runderen tegen die daar liepen te grazen. Deze runderen helpen bij het onderhouden van de natuurgebieden. Het zijn grote grazers en zo houden ze de begroeiing in een gebied op peil. De runderen kunnen in de winter buiten blijven en hebben weinig onderhoud nodig.

De dieren zijn zachtaardig van karakter en hebben geen horens waardoor ze ook kunnen grazen in gebieden waar bezoekers komen, zoals wij dus. Het Limburgs Heuvelland wordt gevormd door de uitlopers van de Duitse Eifel en de Belgische Ardennen. De hoogste toppen zijn net iets boven de 300 meter. Het landschap bestaat uit een afwisseling van bossen, akkers, weilanden en boomgaarden.

Af en toe hadden we mooie vergezichten op de route over de heuvels en de dalen. Halverwege was het tijd voor een lekkere lunch. We legden een kleed in het gras en peuzelden lekker onze broodjes en andere lekkernijen die we allemaal hadden meegenomen. Lieke of was het Linou?, blijft moeilijk om de tweeling uit elkaar te houden, dronk zelfs een biertje! Natuurlijk een radler 0% alcohol, al weet je maar nooit met die gekke Tina en maffe Melanie.

We liepen in de richting van het dorp Epen en daar vandaan bergop richting de Gerardushoeve. Het was overal erg druk en daar zou vast geen plaats zijn op het terras. We kwamen langs pannenkoekenhuis “De Pannekoek” waar nog een picknickbank op het terras vrij was. We gingen zitten en bestelden een lekker drankje. Er was ook een kleine speeltuin bij en terwijl de volwassenen gezellig kletsten vermaakten wij ons ook prima.

We bleven er een lange tijd hangen. Na deze onderbreking ging de wandeling langs boomgaarden en vakwerkershuisjes. We kwamen door het gehucht Schweiberg  en zo weer uit in Mechelen. Bij recreatiedomein de Geulhof zochten we een tafel in de zon voor een lekker diner. Er werden veel mosselen besteld, verse forel uit de Geul en natuurlijk frietjes.

Aan het einde had ik niet zoveel zin meer en werd ik tot ongenoegen van pappa en mamma baldadig en lastig. We hoefden nog maar een klein stukje te lopen door de weilanden en langs de Geul. We speelden nog even met takjes en blaadjes die we in het water van de Kleine Geul lieten vallen. Het stroomde zo snel dat de takjes er sneller vandoor gingen dan wij konden lopen, grappig. Bij de parkeerplaats namen we afscheid en spraken we af dat we dit vaker moeten gaan doen. Zo’n leuke gezellige middag met alle meisjes!

Wandelen met de doodleclub

Bianca en haar hond Juulke gingen met de doodleclub wandelen op de Sint Pietersberg. Bianca had gevraagd of wij mee wilden lopen en daar hadden wij wel zin in. Het was lekker weer en de wandeling zou niet al te lang zijn omdat Juulke nog te jong is om grote afstanden te lopen.

De groep stond al op ons te wachten en we vertrokken direct toen wij aankwamen. De doodles waren al met zijn alleen in het hondenlosloopgebied aan het rond rennen. Leuk hoor zoveel doodles bij elkaar. Juulke is een echte dondersteen en blijft maar weg rennen en Bianca heeft moeite om haar bij zich te roepen. Haha, net zo eigenwijs en eigengereid als haar baasje. We liepen nog geen kilometer toen we alweer terug keerden naar Chalet Bergrust. Het was lunchtijd en we bestelden een lekker broodje.

Keyro nam brood met kroketten, mamma had iets met geitenkaas en ik nam een broodje gezond. Lekker smullen! Na de lunch speelden wij nog even lekker met Juulke in het losloopgebied. Juulke werd moe en wij gingen allemaal naar huis. Leuk om af en toe eens met onze “leen hond” te spelen