Weer thuis

De vlucht naar Frankfurt verliep vrijwel zonder turbulentie en we landden rond 06:00 uur  op de luchthaven. We moesten helemaal naar een andere vertrekhal en werden vervoerd met een metro van de ene naar de andere terminal. Ook moesten we opnieuw langs de douane.We stonden in een lange rij te wachten toen ineens een marechaussee roepend aankwam met verzoek om plaats te maken. Een paar meter daarachter werd een wild spartelende man gedragen door vier van zijn collega’s. Verbaasd stonden we te kijken naar alles wat er gebeurde. Je vraagt je toch af na al die aanslagen de laatste tijd wat er aan de hand was? Het tumult was al snel over maar de rijen bij de douane schoten niet op en bleven lang.

Al snel werden we door een vliegveld medewerker naar een ander douanepunt geleid en daar hadden we snel de paspoortcontrole achter de rug. Het vliegtuig naar Brussel vertrok redelijk volgens schema en na ongeveer een uur vliegen in een bijna leeg vliegtuig, landden we op vliegveld Zaventem. Ook hier weer de gebruikelijke controles en het ophalen van onze bagage.

Buiten de deuren stonden Bianca en haar hond Juulke al op ons te wachten. Juulke was helemaal door het dolle heen, wat een beest. Na iets meer dan een uur rijden waren we weer thuis in Maastricht. Ushi was blij en ging direct bij Keyro liggen en kwam de eerste tijd niet van zijn schoot af.

Het is duidelijk dat ze ons gemist heeft. ’s Middags pakten we de tassen uit, souvenirs werden netjes op onze kamers gezet, werden de kleren gewassen en een hoop dingen opgeruimd. Wat hebben we opnieuw een prachtige vakantie gehad. Heerlijk eten, vriendelijke mensen, prachtige natuur, mooie stranden en wat een historie. Vietnam is absoluut een aanrader voor iedereen die op een relaxte manier wilt rondreizen. Wij gaan nu lekker nagenieten van alles wat we de afgelopen drie-en-een-halve week hebben beleefd.

Gamen in Bangkok

We werden rond acht uur wakker in een groot bed in een luxe kamer. Pappa en mamma sliepen in de aangrenzende kamer. Er was een keukentje, eetkamertafel met stoelen, sofa, airco, twee badkamers en televisies. Wat een enorme luxe deze laatste dag. Mamma voelde zich nu belabberd, had koorts en last van haar luchtwegen. Ze bleef langer in bed liggen terwijl wij televisie keken.

In de middag wilden we naar een winkelcentrum om de dag door te komen. Het meisje van de receptie sprak niet al te best Engels en begreep niet helemaal wat we bedoelden. Uiteindelijk kwam ze toch met een idee en werd er een taxi voor ons gebeld. In de omgeving van het hotel was helemaal niets te beleven. De taxi reed ongeveer 20 minuten en bracht ons naar een groot winkelcentrum.

Het was veel drukker dan normaal omdat alle Thai, een vrije dag hadden vanwege Moederdag. We besloten om eerst het foodcourt te zoeken en daar iets te gaan eten. Wij wilden naar de KFC en pappa en mamma bestelden pittig Thais eten. Alles werd betaald met een soort pinpas waar je voorafgaande bij een kassa geld op kon zetten. Na afloop kon je het bedrag dat niet gebruikt was weer terug krijgen en gaf je de pinpas weer terug (gebruik is geheel kosteloos).

We liepen langs verschillende afdelingen in het winkelcentrum en kwamen er zelfs nog een stand van Tupperware tegen!? Mamma helemaal enthousiast natuurlijk.

Op de gameafdeling voelden wij ons goed thuis en mochten we ook op een paar game-apparaten een spelletje doen. We wilden graag in een raceauto maar begrepen niet precies hoe het werkte. Een vriendelijke medewerker legde het ons graag uit. Een Thais jongetje en zijn vader wilden wel tegen ons racen.

Wij gingen in de raceauto zitten en starten het spel. Voor ons was het de eerste keer en we moesten wel even wennen. Het ging best aardig maar we verloren de race, helaas. We liepen heel wat keren rond op zoek naar het Plants vs Zombies spel dat we in het begin hadden gezien maar niet meteen terug konden vinden. We moesten op onze beurt wachten maar uiteindelijk konden we plaats nemen en met de waterstraal richten op de zombies.Ondanks dat ik de wedstrijd later begon dan Keyro, wist ik hem toch te winnen.

We kochten beiden nog een souvenir uit Thailand en keerden toen per taxi terug naar het hotel. We hadden weliswaar uitgecheckt maar konden nog gebruik maken van het zwembad. Heerlijk even spetteren en tot ergernis van pappa en mamma elkaar pesten en plagen in het water.

Ons laatste diner hadden wij bij het hotel. We bestelden Thaise rode en groene curry, een pikante rijstnoedelsalade met garnalen en het bekende gerecht Pad Thai. Het zijn roerbakken noedels met kip of garnalen bestrooid met pinda’s en taugé. Zeer smakelijk en lekker dat we het toch nog konden proeven.

We kleedden ons na het eten om en maakten ons klaar voor vertrek naar het vliegveld. Met een taxi gingen we naar het internationale Suvarnabhumi vliegveld. Inchecken, veiligheidscontrole en paspoortcontrole ging allemaal soepel.

Door het hele vliegveld heen staan prachtige houtsnijwerken en sculpturen. In de centrale hal stond een kunstwerk uitgewerkt in boeddhistische en hindoeïstische stijl, de afmeting was enorm. Ons vliegtuig steeg rond de klok van ?? uur op. We kregen eerst nog avondeten voordat alle lichten uit gingen en we verzocht werden om te gaan slapen. Het lukte niet meteen en we speelden nog spelletjes op de ingebouwde activiteitentablet.

Cu Chi tunnels

Op onze laatste dag in Vietnam gingen wij naar de bekende Cu Chi tunnels. Het is een tour met veel historische waarde en het mag eigenlijk niet ontbreken in je bezoek aan Zuid Vietnam. Eerst hadden we ongeveer twee uur in de bus voor de boeg. De geschiedenis van de Cu Chi tunnels gaat terug naar de Vietnamoorlog of zoals de Vietnamezen zeggen: De Amerikaanse oorlog. In deze oorlog speelde Ho Chi Minh ook een belangrijke rol.

Na de Eerste wereldoorlog vertrok Hồ in 1923 naar het communistische Rusland. Hij ging weken voor een bedrijf en werd hun afgevaardigde in China. In 1941 keerde hij terug naar Vietnam om de onafhankelijkheidsbeweging Viet Minh te leiden. Hij zorgde tijdens de Tweede wereldoorlog voor veel succesvolle militaire acties tegen de Japanners.

Na de oorlog zag de Viet Minh beweging de mogelijkheid om na de revolutie aan de macht te komen en werd Noord Vietnam onafhankelijk. Het land kwam onder leiding te staan van de communistische partij van Hồ en hij werd de eerste premier. De verkiezingen die later dat jaar gepland stonden, werden echter tegengehouden door de Verenigde Staten. Hierop brak in 1957 de Vietnamoorlog uit tussen de VS en Zuid-Vietnam aan de ene kant en communistische Noord-Vietnam en de Viet Minh aan de andere kant.

Zuid Vietnam werd militair door de VS gesteund maar het Vietnamese volk kwam zelf ook in opstand tegen de VS. Samen met gevluchte Vietminh-strijders infiltreerden ze in speciale eenheden en verenigden zij zich met lokale vechtende guerrillagroepen. Zo ontstond de communistische guerrillabeweging de Vietcong.

Vietcong werd door de Amerikanen afgekort tot VC en uitgesproken volgens het Navo alfabet “Victor Charlie”. Er volgden bombardementen op het noorden maar ook het gebruik van chemische wapens zoals napalm die in het zuiden in de strijd tegen de werd gebruikt, richtten zware verwoestingen aan. Er werden steeds meer Amerikaanse troepen in Vietnam gevestigd. De VS had genoeg zelfvertrouwen om te geloven dat ze de Viet Minh wel aan konden en konden verslaan.

De VS had meer materiaal en wapens beschikbaar en ze waren veel sterker dan de Vietnamezen. De Amerikanen dachten dat ze de oorlog binnen enkele maanden zouden winnen maar dit liep al snel uit en werden jaren. Eén van de redenen was dat de Vietcong zich terug kon trekken in de ondergrondse tunnels zoals die bij Cu Chi. De Viet Minh en Vietcong maakte gebruik van het tunnelstelsel en was hierdoor een dodelijke, gevaarlijke en ongrijpbare vijand.

In de bodem, die zacht en kleiachtig is, werden tunnels uitgegraven (meestal in het natte seizoen) die stabiel bleven en niet instortten. De ingang van de tunnels waren goed verborgen en voor het blote oog nauwelijks zichtbaar. De gangen waren heel smal en gegraven op verschillende niveaus. Ze volgden dikwijls een zigzag patroon en hadden vaak bochten ter bescherming tegen explosies.

In de gangen waren allerlei valkuilen aangelegd om ongewenste indringers te verjagen. De tunnels waren een wereld op zich met onder andere ondergrondse werkruimtes, hospitalen, slaap- en eetruimtes en wapen- en voedselopslag. Het leven van de strijders in de tunnels moet ongelofelijk hard zijn geweest. De lucht om in te ademen was slecht, er leefde veel ongedierte en ze hadden last van vitaminetekort door gebrek aan zonlicht.

De strijders zaten overdag voornamelijk ondergronds en verlieten de tunnels in de nacht om de strijd te gaan voeren. Ze konden in een gevecht zijn met de Amerikaanse soldaten en dan ineens weer in het niets verdwijnen, vaak tot grote verbazing van de Amerikaanse soldaten.

Er werden pogingen ondernomen om de tunnels op te blazen maar dit had weinig succes. Net zoals het gebruik van traangas om de tunnels mee te vullen. Er waren te veel foefjes om de doorgangen af te sluiten waardoor de verspreiding van het gas werd tegen gegaan. Het circa 250 kilometer uitgestrekte tunnelcomplex werd pas echt beschadigd toen de Amerikaanse luchtmacht het gebied begon te bombarderen met B-52 vliegtuigen die een bommenregen veroorzaakte. Ho Chi Minh probeerde tijdens dit conflict, waarbij meer dan een miljoen mensen omkwamen, regelmatig over vrede te onderhandelen, maar dit was tevergeefs. De overwinning van Vietnam kwam uiteindelijk in 1975 en een jaar later werd de Socialistische Republiek Vietnam uitgeroepen, waardoor Noord- en Zuid-Vietnam weer herenigd werden.

Tegenwoordig is een deel van het tunnelcomplex omgebouwd tot een museum en is het gebied te bezoeken. Per groep werden we met gids en begeleider toegelaten op het complex. We kregen eerst een algemene inleiding over de oorlog en de kant van het verhaal van de Vietnamezen. Dit verhaal is natuurlijk heel anders dan het verhaal die in de Westerse wereld wordt verkondigd.

Na de inleiding we de bossen in. Heel vreemd om hier te lopen en te weten dat hier zo heftig is gevochten in het verleden. Als eerste zagen we slim ontworpen ventilatieschachten die op termietenheuvels leken. Daarna gingen we op zoek naar een ingang van een tunnel. Vaak zijn deze goed verstopt onder de bladeren van de jungle. Wij wisten dat er een ingang moest zijn en nog zagen wij het niet.

De ingang die tevoorschijn kwam, bleek heel klein te zijn. En dan te bedenken dat de tunnels zijn vergroot en verbreed om de bezoekers makkelijker toe te laten dan dat ze daadwerkelijk waren. Pappa ging als tweede van de groep in zo’n tunnel en moest wat moeite doen om zich er in te laten zakken. Een paar meter verder kwam hij er bij een andere ingang weer uit. We konden allemaal 3 verschillende tunnels in die varieerden in lengte. Het was zelfs voor mij al moeilijk bewegen in de gangen, laat staan hoe het voor een volwassene geweest moet zijn!

We zagen nog een hospitaal en een ondergrondse ruimte waar van Amerikaanse wapens nieuwe wapens of boobytraps werden gemaakt. Een ander deel van het museum is ingericht op de diverse boobytraps (valkuilen) die de Vietcong voor zijn vijanden achterliet.

Zeer afschrikwekkend. Na de rondleiding konden degenen die het wilden nog een bezoekje brengen aan een schietbaan. Hier kon men tegen betaling wat kogels afschieten met verschillende soorten wapens. Ik kon me niet indenken dat iemand dit zou doen. Toch waren er in de bus drie personen die het wel wilde. Waarom zou je dat doen, vroeg ik mij af?

We moesten ongeveer een 20 minuten wachten tot deze hedendaagse soldaatje “Wanna Be” klaar waren en we aan de terugreis naar HCMC konden beginnen. We arriveerden daar rond 15:00 uur en liepen direct door naar de Bui Vien waar we aan het einde van de straat bij restaurant Five Oysters, een tafeltje vonden. Het was ondertussen weer zachtjes begonnen met regenen.

We bestelden een gerecht met aubergine (mamma), morning glory met kip. Na het eten bleven we onder genot van een drankje nog wat aan tafel zitten en speelden we een potje pesten. Tegen de klok van 17.:00 uur lopen we naar het hotel om onze spullen op te halen. We hadden een taxi gereserveerd die ons naar het vliegveld zou brengen. Eén van de medewerkers gaf aan dat de taxi er was maar toen we langs de weg stonden, zagen we hem niet.

De medewerker was al aan het bellen toen mamma aan de overkant iemand met de lampen zag seinen. Het bleek onze taxi te zijn. Het was natuurlijk midden in de spits en alle wegen stonden vast. De chauffeur probeerde iedere keer een andere weg om sneller vooruit te komen maar dat mocht niet helpen. Gelukkig hadden wij geen haast en waren we ruim op tijd bij het vliegveld. We vlogen met lowcost airline Nok Air naar Bangkok.

Het inchecken duurde enorm lang en toen wij uiteindelijk aan de beurt waren, begrepen we ook waarom. Bij iedere balie zat een stagiaire en iedereen moest een vliegticket voor kunnen leggen voor het verlaten van Thailand. Een en ander had te maken met het visum voor Thailand. Handig als je voor de balie staat en dit nog op moet gaan zoeken in je email?!

Het mailtje dat we in eerste instantie hadden was niet voldoende en uiteindelijk vond pappa de benodigde formulieren, pfff. Uiteindelijk waren we ingecheckt en mochten we mee op de vlucht naar Bangkok. We kwamen de tijd door met snuffelen in de Tax free winkeltjes en wat spelen op de tablet. Ook belden we met jarige oma Margriet om haar te feliciteren. De vlucht verliep prima en om 22:30 uur  landden we op het oude vliegveld Don Muang.

We hadden al snel onze bagage en liepen naar de taxistandplaats. Er stond een mega wachtrij en we besloten om met de Airport shuttle gratis naar het andere vliegveld Suvarnabhumi te gaan en daar vandaan een taxi te nemen naar het geboekte hotel. Het hotel lag ergens tussen in dus het zou qua tijd weinig uitmaken. Al snel kwamen we erachter dat er heel veel file stond op de snelwegen rondom Bangkok

De shuttlebus was snel bij het andere vliegveld en gelukkig wisten we ook snel een taxi te krijgen. We stonden in de staart van een file maar de chauffeur wist om te rijden. Wij waren letterlijk doodmoe en konden nog nauwelijks op onze benen staan. We kwamen rond 1:00 uur aan bij Hotel Siam Piman en hadden nog twee gasten voor ons die nog aan het inchecken waren. Toen pappa wilde inchecken vond de baliemedewerker geen reservering en waren we even bang dat we nog niet naar bed konden. Uiteindelijk werd de reservering gevonden en konden we snel inchecken, naar de kamer en slapen.

Zuid Vietnam

In de ochtend werden onze spullen na vijf dagen verblijf in Hoi An weer ingepakt. We namen we nog een korte duik in het zwembaden en relaxten wat. Rond de klok van 10:30 uur checkten we uit maar we konden gewoon nog gebruik maken van alle hotelfaciliteiten. We betaalden de rekening van de afgelopen dagen en deze klopte niet helemaal. Ze waren een aantal dingen vergeten en wij gaven dit natuurlijk netjes door.

Stipt om 13:00 uur werden we opgehaald door een privé taxi die ons naar het internationaal vliegveld in Da Nang zou brengen. Vliegen in Vietnam is relatief goedkoop en het brengt je snel op de plaats van bestemming. Wij zouden met Vietjet Air vliegen naar Ho Chi Minh in het zuiden van Vietnam. De taxi bracht ons snel (binnen een uur) naar het vliegveld dat maar twee kilometer van de binnenstad verwijderd ligt. Tijdens de Vietnamoorlog werd dit vliegveld gebruikt als militaire basis van de Verenigde Staten. Hier vandaan werd het chemische ontbladeringsmiddel verdeeld over heel Vietnam.

Het gebied rondom het vliegveld was hierdoor sterk vervuild maar er werd in 2012 gestart met een schoonmaak van de vervuilde grond. Het inchecken verliep vlot en we hadden de tijd om nog een hapje te eten voordat we het vliegtuig in moesten. Ik wilde perse bij de Burger King iets eten en na flink zeuren kreeg ik het voor elkaar. Het vliegtuig waar we mee zouden vliegen landde te laat en hierdoor liepen wij een vertraging van 45 minuten op. Uiteindelijk was het vliegtuig toch gereed voor vertrek en werden we met een bus vliegtuig gebracht.

Het was een vliegtuig van Jetstar Pacific. De vliegtijd was ongeveer 1 uur en 20 minuten. De tijd kwamen we door met een potje kaarten. Na het landen op het internationaal vliegveld Tan Son Nhat haalden we onze bagage op en die kwam ook nog vrij snel. We hadden een taxi via het hotel geregeld en we werden netjes opgewacht door de chauffeur. Ho Chi Minh City (HCMC) heette vroeger Saigon maar dit veranderde na de oorlog. De stad werd daarna vernoemd naar de grote leider van Vietnam; Ho Chi Minh. HCMC is met ruim 9 miljoen inwoners de grootste stad van het land en dat zagen we duidelijk terug in het stadsbeeld. De eerste indruk was dat de stad erg Westers aandoet.

Hoewel de afstand van het vliegveld naar het hotel niet ver was (zo’n 7 kilometer), deden we er bijna een uur over om bij het hotel te komen. In tegenstelling tot Hanoi staan hier overal stoplichten, rijden er honderden scooters (motorbikes) en meer auto’s. Het Ailen Garden Hotel lag in district 1, in de bekende backpackerswijk Tay Ba Lo. Het hotel was niet per taxi bereikbaar omdat het in een autovrij straatje lag. Het laatste stuk liepen we met onze rugzakken door een stuk modderpoel. De weg was op gebroken en er werd flink gewerkt door bouwvakkers aan gebouwen en weg. We kregen een kamer in Ailen Garden 2 op de 2e etage.

De kamer was groot en voorzien van airco. Ondanks dat we niet veel hadden gedaan vandaag waren we moe. We verlieten het hotel om een hapje te eten. Rondom het hotel zijn veel restaurants te vinden en wij namen er eentje waar we vanuit het steegje recht tegenaan liepen.  We lagen uiteindelijk rond 20:30 uur in bed maar vielen niet direct in slaap. Mamma regelde namelijk nog een toer per motorbike (scooter) voor morgenochtend en werd door de receptie een paar keer teruggebeld. Ik ben wel benieuwd naar morgen als we op de scooter HCMC gaan verkennen.

Goodmorning Vietnam

Na een paar dagen in Bangkok was het tijd om verder te reizen naar onze werkelijke bestemming: Vietnam. We vertrokken rond de klok van 9:00 uur met de taxi naar het vliegveld. Met het vliegtuig van lowcost maatschappij VietJet Air vertrokken we om 11:45 uur naar Hà Nội (Hanoi). De hoofdstad van Vietnam ligt in het noorden van het land en daar beginnen wij met onze reis. We konden Vietnam niet zo maar naar binnen en we hebben in Nederland al een speciale brief aan moeten vragen voor ons visum. Via deze “Visa approval letter” kregen wij toestemming om het land binnen te mogen. Op het vliegveld in Hanoi moesten we nog ter plaatse het visum kopen (visa on arrival). Met ons visum mogen we maximaal 30 dagen in Vietnam verblijven.

We hadden gehoord dat al deze formaliteiten aardig wat tijd konden kosten maar het viel reuze mee. Na ongeveer 15 minuten wachten verscheen Keyro zijn naam op het scherm. We haalden onze paspoorten met visum erin op en betaalden de kosten (100 dollar voor ons vieren). Daarna door de douane en naar de bagageband. Bij de uitgang werden wij opgewacht door de airport service van het Camel City Hotel. De rit van het vliegveld naar hartje centrum van Hanoi, duurde 45 minuten.

Het Camel City Hotel ligt in het historische centrum dat ook wel “Old Quarter” (oude kwartier) wordt genoemd. Het hotel lag in een klein steegje dus werden we op de grote weg uit de taxi gelaten en liepen we de paar meter naar het hotel. We kregen een kamer op de vijfde etage en er was geen lift. Het was even pittig om met onze bepakking naar boven te gaan. Het was een ruime kamer en we hadden zelfs een ligbad in de badkamer. We bleven niet lang in de kamer want we wilden iets gaan eten. Op straat was het een drukte van jewelste.

In het Old Quarter vind je gezellige kleurrijke straatjes, kraampjes, restaurants en vooral heel veel mensen en heel veel scooters. Waar je ook kijkt overal zie je de scooters alle kanten uitschieten. Het oversteken van de straat is in Hanoi een grote uitdaging. Wachten tot de weg vrij is , hoef je te doen want dat gebeurd nooit. We begonnen, net zoals alle voetgangers, gewoon met oversteken en hoopten dat de scooters en taxi’s om ons heen zouden rijden. We mochten vooral niet stil gaan staan maar moesten gewoon door blijven lopen.

In het begin een beetje eng maar al het verkeer bleek op tijd voor ons te stoppen of om ons heen te rijden. We liepen even naar het kantoor van Friends Travel Vietnam voor de laatste check en update voor onze trips naar Sapa en Halong Bay. Sidney, de Nederlandse eigenaar bleek een super aardige man te zijn. We kregen een Vietnamese ice tea en pappa ice coffee. Allebei ijskoud en mierzoet maar wel erg lekker. We kregen een korte uitleg wat we de komende dagen allemaal zullen gaan doen. Ik heb er nu al zin in want het klinkt allemaal erg leuk.

We dwaalden wat door de straatjes waar de Franse architectuur het Vietnamese straatleven ontmoet. In elke straat wordt één ambacht of product verkocht. Zo koop je in de Lampionnenstraat: lampionnen en in de Mandensteeg koop je manden. We kwamen langs het Hoan Kiem meer en pinden daar bij de bank 5 miljoen Vietnamese Dong. De nationale munt, de Vietnamese Nationale Dong (VND) kwam in 1850 als eerste wettelijke munt in Vietnam. Het biljet met de hoogste waarde van 500.000 VND is iets minder dan € 20 waard. De komende drie weken zijn wij miljonairs en is onze portemonnee flink gevuld hebben met veel bankbiljetten.

Bij restaurant Green Farm vonden wij een tafeltje voor ons avondeten. Keyro had een hamburger (waar hij wel lang op moest wachten), mamma had gebakken kip met groenten, pappa had beef met champignons en ik had frietjes met kaasnuggets. Als voorgerecht hadden we verse Vietnamese loempia’s besteld maar deze kwam tegelijk met het hoofdgerecht. Het eten was biologisch en smaakte goed. Weer terug in het hotel nam ik nog een lekker bad. Op tijd gingen we ons bed in want morgen moeten we op tijd opstaan voor ons 3-daagse Real Sapa Experience tour.

Streetfood

We sliepen een aantal uurtjes maar veel was het niet. Na iets meer dan 11 uur vliegen landden we op het Suvarnabhumi International Airport. Vanwege het tijdsverschil tussen Nederland en Thailand moesten we ons horloge aanpassen en 5 uur later zetten. Eenmaal op Thaise bodem moesten we eerst langs bij “immigration” voor de paspoortcontrole en het visum. Hier stond een MEGA rij en het duurde meer dan een uur voordat we langs de immigratie aren en het visum in ons paspoort hadden zitten.

De skyline van Bangkok, vanuit de shuttlebus richting centrum.

De bagage draaide al rondjes op de bagageband en die hadden we snel opgepikt. Buiten zochten we naar de airport shuttle bus die heen en weer pendelt tussen het vliegveld en de bekende backpackersstraat (wijk) Kao San Road. De bus stond al klaar en vertrok direct toen wij instapten. We kochten een kaartje voor slechts 60 baht, ongeveer € 1,50 per persoon. Het was 33 kilometer van het vliegveld naar Kao San Road maar het verliep vlotter dan we hadden verwacht.


Kao San Road

Bangkok is een miljoenenstad en de eerste indruk was overweldigend. Er wonen zo’n 8 miljoen mensen in Bangkok en met de buiten wijken etc. wordt het totaal aantal op 15 miljoen geschat. Na 50 minuten verlieten we op Kao San Road de bus en moesten we nog een stukje te voet verder. Met behulp van de gedownloade wegenkaarten zochten we de weg naar het Siri Poshtel Hotel. We kwamen door leuke straatjes gevuld met markt- en eetkraampjes. Ons hotel lag op ongeveer 15 minuten lopen van Kao San Road in een rustig gedeelte en opvallend minder toeristisch.

We kregen een ruime, schone kamer met drie stapelbedden. We namen even wat rust want het was behoorlijk warm. Bovendien waren we ook redelijk moe van de hele reis. We besloten op tijd te gaan eten zodat we vroeg naar bed konden. Voor de Thai speelt eten een grote rol in het dagelijks leven. Een Thai eet niet zoals ons drie keer per dag maar snackt de hele dag door. Tijdens het lopen naar het hotel hadden we al diverse eetstalletjes, foodcourts, handkarren, fietsen, brommers en driewielers gezien die eten verkopen. Het eten langs de kant van de weg is niet alleen heel erg goedkoop maar moet ook nog eens overheerlijk zijn.

Keyro was meteen verliefd op Bangkok en vooral de Thaise keuken.

Tijd om het uit te gaan proberen! We vonden in een zijstraat bij het hotel een aantal eetstalletjes aan de straat en namen daar plaats aan een tafeltje. Er was geen menukaart maar op plaatjes wezen we aan welke gerechten we wilden hebben. We namen vier gerechten en proefden van allemaal. Het was overheerlijk en kostte ons 262 baht, nog geen 7 euro, inclusief (dure merk) frisdrank. Helaas is het stadsbestuur van Bangkok bezig om de kraampjes met “Street food” te verbieden. Met ingang van 2018 moeten alle straatverkopers zijn verdwenen uit het straatbeeld. Erg zonde als je bedenkt dat juist deze voedselkramen een belangrijk kenmerk zijn van Bangkok. Terwijl wij zaten te eten brak er een tropische regenbui los. Niet normaal de regen kwam echt met bakken uit de lucht. De trottoirs stonden blank en het regenwater kon niet weg. Na een tijd wachten besloten wij om de regen toch te trotseren en naar het hotel terug te gaan. Ronac kon het niets schelen en liep dansend door de regen en was tot op zijn onderbroek nat. In de hotelkamer droogden we ons lekker af en gingen we zonder te klagen direct ons bedje in.

Op weg naar Bangkok

Onze zomervakantie begint dit jaar de eerste paar dagen in Bangkok (Thailand) en daarna vliegen we door naar Vietnam. Edie bracht ons naar het internationaal vliegveld van Brussel. We hadden een kleine omweg via het dorp Zaventem maar uiteindelijk arriveerden we ruim op tijd bij het vliegveld. Ronac en ik kregen de opdracht om zelf de weg te vinden op het vliegveld en op tijd bij het vliegtuig te zijn.

We vonden onze vlucht op één van de schermen en gingen naar de incheckbalie waar we onze boardingpassen kregen en onze backpacks achter lieten. Vervolgens konden we naar de douane en security controle. Mijn e-reader was ergens in de rugzak verdwenen en deze was niet te vinden. Blijkbaar zat hij wel in de rugzak want op de scanningsapparatuur was hij wel zichtbaar. De meneer bij de controle kon hem ook niet vinden en er werd een collega bij geroepen. Hij toverde hem wel redelijk snel tevoorschijn. We konden allemaal wel lachen om onze “Bermuda driehoek” rugzak.

Na de controles hadden we voldoende tijd om nog iets te gaan eten. We konden kiezen en uiteindelijk eindigden we, niet zo verrassend, bij de Burger King. We vonden gemakkelijk de juiste gate en moesten daar nog een tijdje wachten. Wij waren verdiept in onze spelletjes op de tablet dat we niet hoorden dat onze gate was veranderd. Gelukkig hadden pappa en mamma gehoord dat het werd omgeroepen. De nieuwe gate lag direct ernaast dus we hoefden niet ver te lopen.

Met een vliegtuig van Lufthansa vlogen we naar Frankfurt om daar over te stappen en door te vliegen naar de Thaise hoofdstad: Bangkok. Tijdens het overstappen verliep alles rustig en hadden we voldoende tijd. In het vliegtuig wisselde pappa van plaats met een andere passagier zodat wij bij elkaar in de buurt konden zitten gedurende de vliegreis. De vliegreis met Thai Airways was comfortabel en verliep vrij vlot. We speelden spelletjes en keken een film op de interactieve schermpjes. Omdat we de nacht in gingen moesten we ook slapen in het vliegtuig en dat was wat moeilijker. We bleven draaien en woelen maar vielen uiteindelijk allebei bovenop mamma in slaap.

Sunset Cottages


We waren midden in de nacht al op en klaar wakker. De laatste spullen werden ingepakt en alles gecontroleerd voor het vertrek. De taxi stond beneden al op ons te wachten en we konden direct vertrekken. De wegen waren nu veel leger en de rit was veel sneller en meer dan de helft goedkoper. We liepen door de security-check en gingen op zoek naar de incheckbalie van Sriwijaya Air. We vonden deze echter niet en bij het navragen, bleken we bij de verkeerde vertrekhal te zijn afgezet. Stressen natuurlijk want hoe kwamen we zo snel mogelijk bij de juiste terminal? Er bleek een gratis airport shuttlebus te rijden en we stapten in. Het zou nu wel erg krap worden om op tijd bij de juiste incheckbalie aan te komen en onze vlucht van 5:45 uur te halen. De bus reed ook nog eens eerst naar twee andere terminals. Gelukkig wist een ander koppel ons gerust te stellen dat we nog wel op tijd zouden zijn.

Bij de juiste terminal verlieten we snel de bus op weg naar de controle en naar de incheckbalie van Sriwijaya Air. Het schoot niet echt op maar we checkten gelukkig wel op tijd in. Snel naar de douane, de volgende security-check en dan de juiste gate zoeken. Uiteindelijk moesten we nog dik een halfuur wachten want het vliegtuig was nog niet klaar voor vertrek. In het vliegtuig werd er wat met de plaatsen geschoven want we zaten niet allemaal bij elkaar maar dat was snel geregeld. Veel vliegtuigmaatschappijen in Indonesië staan op de zwarte lijst van de Europese Unie. De luchtvaartmarkt in Indonesië groeit snel en met de veiligheid zou het vaak niet goed zijn volgens Europese landen. Ook behoort Sriwijaya Air hier toe vanwege enkele kleine incidenten maar wordt de maatschappij in Indonesië wel als betrouwbaar geacht. Wij vonden de maatschappij verder prima en het vliegtuig leek voor ons een stuk nieuwer dan menig ander Nederlands vliegtuig waar we ooit wel eens mee hebben gevlogen. Het personeel was vriendelijk en we kregen zelfs een sandwich en bekertje water uitgereikt.

Binnen ongeveer een uur vlogen we naar Bali om te landen op het vliegveld van Denpasar. Hier moesten we overstappen op een ander vliegtuig dat van NAM Air, een partner van Sriwijaya, bleek te zijn. Ook hier was alles prima en de vlucht van een uur was snel voorbij. Ik was echter ontzettend moe en voor mijn familie niet de allerleukste op dat moment. De luchthaven van Maumere is gelegen op het eiland Flores en de lokale tijd was ondertussen 11:00 uur in de ochtend. Op het kleine Wai Oti vliegveld dat alleen voor binnenlandse vluchten wordt gebruikt, konden we vanuit het vliegtuig zo naar de aankomst en vertrekhal lopen.


Het duurde even voordat onze rugzakken uit het vliegtuig kwamen maar we stonden al lange tijd van te voren klaar om ze van de transportband af te halen. Eenmaal buiten stonden wat taxichauffeurs klaar om toeristen naar hotels in de omgeving te brengen. Wij hadden nog geen accommodatie geregeld en wilden eerst even bellen of er iets beschikbaar zou zijn. Pappa belde met twee accommodaties maar die zaten vol. Bij het bellen naar een derde accommodatie hadden we meer geluk. Ze hadden plaats in de oudere bungalows en de eigenaar zei ons te komen om te kijken of het geschikt voor ons zou zijn. We probeerden met één van de taxichauffeurs een goede prijs af te dingen maar men bleef bij de vaste prijs van 150.000 roepia. Uiteindelijk toch akkoord gegaan en op weg gegaan naar de Sunset Cottages gelegen aan de weg tussen Maumere en Larantuka. Vanaf Maumere was het ongeveer 30 minuten rijden naar de accommodatie. We zagen het uithangbord langs de weg en moesten nog een stuk over een onverharde weg met veel hobbels en bobbels.

De eigenaar Hendrik stond al op ons te wachten. Hij vertelde ons dat zijn 3 nieuwe bungalows verderop aan het Waiterang strand gelegen alle drie verhuurd waren. De bungalows hier zijn verouderd en de activiteiten zijn verplaatst naar het nieuwe complex maar wij hebben niet veel nodig. Hendrik liet ons de vierpersoonshut zien en wij vonden het helemaal perfect. De traditionele bamboe hut staat onder de kokospalmen en op tien meter van het strand. De hut is eenvoudig met twee tweepersoonsbedden met klamboe en een simpele badkamer met toiletpot en mandibak. De mandibak is er i.p.v. een douche. De bedoeling hiervan is dat je met de gayung, meestal plastic bakje met steel, water uit de betegelde bak, de mandibak, schept en dit met flinke plenzen over je heen giet om je af te spoelen. Ook gebruik je de gayung om het toilet mee door te trekken. Geen luxe maar het echte Robinson Crusoe gevoel. Hier gaan we een paar dagen onthaasten en één worden met de natuur. Al snel zaten we met onze zwembroek in het zwarte zand en de helder blauwe zee. Tijd om te eten tussen de middag gunden we onszelf niet. De omgeving is fantastisch met uitzicht over de baai en enkele eilanden. Af en toe komen er wat lokale mensen voorbij en zie je vissers bezig met hun netten en boten. Verder heerst er alleen maar rust. Aan het einde van de middag keken we vanaf ons terras naar een prachtige zonsondergang. In de avond gingen we bij de gemeenschappelijke open hut wat eten. Aldi, de kok, maakte voor ons een overheerlijke verse kroepoek en twee nasi goreng en twee bami goreng.

Het duurde even voordat het klaar was maar de opmaak en smaak van de gerechten waren super. Ondertussen speelden we een potje pesten en kwartet en maakten we een praatje met de twee andere aanwezige gasten. Het bleken ook Nederlanders te zijn maar zij bleven maar één nacht en zouden morgen naar het nieuwe complex gaan. Terug in de hut mochten we nog een aflevering kijken van de serie “Raveleijn”. Het is een 12-delige kinderserie van de Efteling. Het verhaal is gebaseerd op de gelijknamige attractie in de Efteling en het gelijknamige boek dat door kinderboekenschrijver Paul van Loon werd geschreven. Het verhaal gaat over Joost die vlakbij zijn nieuwe huis in het bos een oude stadspoort ontdekt. Raven leiden hem samen met zijn broers en zussen door de poort. De kinderen veranderen in volwassen ruiters en de raven in prachtige paarden. In het graafschap Ravenbosch staat hen een groot avontuur te wachten. Een spannend verhaal dus waarvan we iedere avond een aflevering mogen kijken. Uiteindelijk waren we zo moe dat onze oogjes vanzelf dicht vielen.

Selamat datang

Na een uur of zeven slapen was het wel genoeg geweest voor ons. De vliegtijd was aanzienlijk korter geworden dus dat is een groot voordeel van in de nacht vliegen. We kregen doekjes om ons op te frissen en een ontbijtje. De overige tijd brachten wij door met de schermpjes. Ik keek de film “Home”, we speelden Patience en deden een zoektocht naar “Hidden Objects” in verschillende ruimtes, een erg leuk spel.


lekker eten in het vliegtuig.

Na circa dertien uur vliegen begonnen we aan de landing op de luchthaven voor Kuala Lumpur, de hoofdstad van Maleisië. Het ging alleen om een tankstop en crewwissel maar toch moesten we het vliegtuig even uit en naar de transithal. Op zich niet erg om even de benen te strekken en uit het vliegtuig te zijn. Na ongeveer een uur konden we opnieuw aan boord van het vliegtuig en begonnen we aan het laatste deel van onze reis naar Jakarta. De tijd vloog om en ongeveer 1 ½ uur later landden we op Soekarno Hatta International Airport. De lokale tijd bleek door de verschillende tijdzones nu 18:30 uur te zijn. Eerst moesten we naar de immigratie voor een visum. Sinds 1 april zijn hier voor een aantal landen geen kosten meer aan verbonden en Nederland hoort hier ook bij. We kregen een gratis visumstempel in ons paspoort en mochten doorlopen naar de bagagehal om onze rugzakken op te halen. Alles liep gesmeerd en onze backpacks rolden snel van de bagageband af. Buiten gingen we op zoek naar een loket voor een taxi.


Aangekomen in ons appartementje.
We regelden het bij een taxistand een taxi en betaalden er € 25,00 voor, best veel geld maar we konden wel direct vertrekken en instappen. We deden ondanks de tolwegen, die sneller zijn, er toch nog een uur over om bij het appartement te komen wat we vooraf geboekt hadden. De sleutel moesten we in een ander gebouw ophalen maar dat was allemaal goed verzorgd. Uiteindelijk stapten we rond 21:00 uur plaatselijke tijd het appartement binnen. In totaal waren we alles bij elkaar zo’n 24 uur onderweg geweest om hier te komen. Ravarine Suite Appartment was ruim en netjes. Er waren twee slaapkamers, een woonkamer met WIFI, een keukentje en een watertap-apparaat. In de koelkast stonden enkele drankjes en er waren wat kleine snackjes die we konden gebruiken, keurig geregeld dus! Moe van de lange reis doken we het bed in voor wat uurtjes slaap in te halen.