Meivakantie in Marokko

Op school hadden we spelletjes dag ter ere van Koningsdag. Het is officieel pas volgende week maar dan hebben wij vakantie en daarom werd het nu gevierd. Het betekende dat we ’s middags eerder vrij waren. Ik moest echter toch drie kwartier eerder de activiteiten verlaten omdat we op vakantie zouden gaan. We hadden het vliegtuig om 17:40 uur vanuit Brussel naar Casablanca om daarna door te vliegen naar Marrakesh.

We moesten drie uur van te voren inchecken en er ook nog met de auto naar toe rijden. We vertrokken om 13:30 uur en het was vrij druk op de weg. De laatste negen kilometer tot het vliegveld kwamen we op de ring van Brussel vast te staan. Gelukkig bleef het heel langzaam rijden en konden we na 20 minuten vertraging de afslag naar het vliegveld nemen. We namen afscheid van Edie die ons had gebracht en liepen naar de vertrekhal. Het inchecken, controles en douane verliepen allemaal voorspoedig. We liepen wat rond over het vliegveld en vervelden ons een beetje.

Mamma kocht voor ons nog een broodje en wat drinken omdat we niet wisten of er een maaltijd en drinken aan boord geserveerd zou worden. Het is namelijk niet zo’n lange vlucht en dan gebeurd dat meestal niet. Pappa verklaarde mamma voor gek maar hij praat misschien wel anders als hij straks honger heeft en geen maaltijd. Onze reis gaat dus naar Marokko dat in het Noorden van  Afrika ligt.

Het land grenst in het oosten aan Algerije en in het zuiden aan de Westelijke Sahara. Aan de overkant van deze zee liggen Spanje en Gibraltar. Marokko is bijna 20 keer zo groot als Nederland. In Marokko wonen 26 miljoen mensen. Wij vlogen eerst Casablanca, de grootste stad van het land met bijna drie miljoen inwoners. Het vliegtuig vertrok redelijk op tijd. Wij mochten op onze tablet zodat we ons minder verveelden tijdens de vlucht. Na 1 uur vliegen kregen we toch een maaltijd geserveerd. Pappa had dus geluk (=gelijk) en wij een extra maaltijd. Op het vliegveld van Casablanca hadden wij een uurtje om over te stappen op een ander vliegtuig en dat verliep soepel en vlot.

Het vliegtuig vertrok daar later dan gepland en met een uur tijdsverschil landden wij om 23:45 uur op het Menara Marrakesh vliegveld. Bij de douane stond een mega lange wachtrij en het kostte ons dik anderhalf uur om de paspoortcontrole en bagagecheck door te komen. Buiten het vliegveld stonden veel taxichauffeurs met naambordjes en het duurde even tot wij ons pick-up hadden gevonden.

We werden door iemand van het autoverhuurbedrijf opgehaald en naar onze accommodatie gebracht. Gelukkig duurde het ritje vliegveld naar onze accommodatie nog geen kwartier. We waren doodmoe. Lokale tijd was het 1:30 uur in de nacht maar ons klokje stond op 2:30 uur. Onze chauffeur belde een medewerker van de accommodatie wakker en die kwam ons langs de straat ophalen.

Wij overnachten in Riad Dar Attika binnen de medina (oude stadsmuur) en veel straatjes zijn hier autovrij. Ondanks het late uur was de ontvangst door Moumir bijzonder vriendelijk. Wij werden naar de Africaine suite op de tweede etage gebracht. We zetten de bagage neer, kleedden ons uit en gingen direct het bed in. We zouden morgenochtend wel verder op verkenning gaan. We waren kapot.

Zuid Vietnam

In de ochtend werden onze spullen na vijf dagen verblijf in Hoi An weer ingepakt. We namen we nog een korte duik in het zwembaden en relaxten wat. Rond de klok van 10:30 uur checkten we uit maar we konden gewoon nog gebruik maken van alle hotelfaciliteiten. We betaalden de rekening van de afgelopen dagen en deze klopte niet helemaal. Ze waren een aantal dingen vergeten en wij gaven dit natuurlijk netjes door.

Stipt om 13:00 uur werden we opgehaald door een privé taxi die ons naar het internationaal vliegveld in Da Nang zou brengen. Vliegen in Vietnam is relatief goedkoop en het brengt je snel op de plaats van bestemming. Wij zouden met Vietjet Air vliegen naar Ho Chi Minh in het zuiden van Vietnam. De taxi bracht ons snel (binnen een uur) naar het vliegveld dat maar twee kilometer van de binnenstad verwijderd ligt. Tijdens de Vietnamoorlog werd dit vliegveld gebruikt als militaire basis van de Verenigde Staten. Hier vandaan werd het chemische ontbladeringsmiddel verdeeld over heel Vietnam.

Het gebied rondom het vliegveld was hierdoor sterk vervuild maar er werd in 2012 gestart met een schoonmaak van de vervuilde grond. Het inchecken verliep vlot en we hadden de tijd om nog een hapje te eten voordat we het vliegtuig in moesten. Ik wilde perse bij de Burger King iets eten en na flink zeuren kreeg ik het voor elkaar. Het vliegtuig waar we mee zouden vliegen landde te laat en hierdoor liepen wij een vertraging van 45 minuten op. Uiteindelijk was het vliegtuig toch gereed voor vertrek en werden we met een bus vliegtuig gebracht.

Het was een vliegtuig van Jetstar Pacific. De vliegtijd was ongeveer 1 uur en 20 minuten. De tijd kwamen we door met een potje kaarten. Na het landen op het internationaal vliegveld Tan Son Nhat haalden we onze bagage op en die kwam ook nog vrij snel. We hadden een taxi via het hotel geregeld en we werden netjes opgewacht door de chauffeur. Ho Chi Minh City (HCMC) heette vroeger Saigon maar dit veranderde na de oorlog. De stad werd daarna vernoemd naar de grote leider van Vietnam; Ho Chi Minh. HCMC is met ruim 9 miljoen inwoners de grootste stad van het land en dat zagen we duidelijk terug in het stadsbeeld. De eerste indruk was dat de stad erg Westers aandoet.

Hoewel de afstand van het vliegveld naar het hotel niet ver was (zo’n 7 kilometer), deden we er bijna een uur over om bij het hotel te komen. In tegenstelling tot Hanoi staan hier overal stoplichten, rijden er honderden scooters (motorbikes) en meer auto’s. Het Ailen Garden Hotel lag in district 1, in de bekende backpackerswijk Tay Ba Lo. Het hotel was niet per taxi bereikbaar omdat het in een autovrij straatje lag. Het laatste stuk liepen we met onze rugzakken door een stuk modderpoel. De weg was op gebroken en er werd flink gewerkt door bouwvakkers aan gebouwen en weg. We kregen een kamer in Ailen Garden 2 op de 2e etage.

De kamer was groot en voorzien van airco. Ondanks dat we niet veel hadden gedaan vandaag waren we moe. We verlieten het hotel om een hapje te eten. Rondom het hotel zijn veel restaurants te vinden en wij namen er eentje waar we vanuit het steegje recht tegenaan liepen.  We lagen uiteindelijk rond 20:30 uur in bed maar vielen niet direct in slaap. Mamma regelde namelijk nog een toer per motorbike (scooter) voor morgenochtend en werd door de receptie een paar keer teruggebeld. Ik ben wel benieuwd naar morgen als we op de scooter HCMC gaan verkennen.

Awarradam in het binnenland (dag 9)

Na een dikke week gingen we appartementen Martinus verlaten voor een vierdaagse trip naar Awarradam. De grote rugzakken lieten we achter bij appartementen Martinus en we namen een sporttas en twee kleine rugzakken mee voor onze tocht naar het binnenland. We werden om 09:30 uur opgehaald door Reginald die ons naar het vliegveld Zorg en Hoop bracht. Het vliegveld lag ten westen van het centrum van Paramaribo. Het was gelegen tussen de twee wijken Zorg en Hoop en Flora. Vanaf dit vliegveld vertrekken binnenlandse charter- en lijndienstvluchten met kleinere vliegtuigen.
Wij vlogen met Gum Air, een Surinaamse maatschappij die voornamelijk de charters doet naar het binnenland en het Caribische gebied. We werden opgewacht door iemand van de Mets organisatie en moesten daar in de naar wat men zegt de vertrekhal is plaats nemen tot iedereen aanwezig was. We kregen een broodje met kaas en een bekertje drinken. Er bleken rond dezelfde tijd  twee vluchten te vertrekken, één naar Pallumeu en één naar Awarradam. Toen iedereen er was moesten alle passagiers voor de vlucht Awarradam gezamenlijk met hun bagage op de weegschaal. De kleine Cessna vliegtuigen mogen maar een bepaald gewicht aan boord hebben vandaar het wegen. Uiteindelijk vertrok de groep naar Pallumeu ruim een half uur eerder.

Wij stapten rond de klok van 11:45 uur in de Cessna Karavan. Het was een eenmotorig vliegtuig voor maximaal 12 passagiers met één piloot. Het toestel taxiede snel naar de startbaan en het toestel was zo in de lucht. Het weer was helder dus we zagen goed de uitgestrektheid van Paramaribo en het Brokopondo stuwmeer. Awarradam lag ongeveer 225 kilometer ten zuiden van Paramaribo in het amazoneregenwoud. We vlogen ongeveer 50 minuten en toen zagen we tussen het broccoli landschap, zo noemde ik het, het dorp Kajana verschijnen. We landden op een landingsbaan dat gewoon een grasveld bleek te zijn?.


Met het kleine vliegtuigje naar de jungle.

We maakten kennis met onze gids voor de komende dagen, Sensi genaamd. Hij bleek uit een van de dorpen hier in de buurt te komen en was dus heel bekend met dit gebied. Onze bagage werd uit het vliegtuig gehaald en naar de korjaal gebracht. We zagen het vliegtuigje weer vetrekken en liepen toen naar de korjaal. Er bleken geen kinderzwemvesten aanwezig te zijn dus moesten Ronac en ik een zwemvest voor volwassenen aan. We verdronken in het grote zwemvest en mochten we overboord slaan dan zullen we er eerder mee verdrinken dan dat het ons zal redden. Maar ja, we moesten het vanwege veiligheidsaspecten aan. Bij de het jungle resort zouden kinderzwemvesten zijn dus het was alleen maar om daar te komen.

Awarradam maakt deel uit van het gebied Langu waar acht dorpjes toe behoren en die liggen aan de Gran Rio rivier. De Gran Rio komt stroomopwaarts samen een andere rivier en gaat daarna de Surinamerivier heten. Uiteindelijk loopt deze via het Brokopondomeer en Paramaribo uit in de Atlantische oceaan. In de dorpjes langs de Gran Rio wonen voornamelijk de Saramaccanen. De Saramaccanen zijn afstammelingen van de weggevluchte slaven die zich diep in het oerwoud hebben gevestigd.

We stapten in de lange korjaal en gingen twee aan twee zitten. Tijdens de 25 minuten durende tocht zagen we langs de oevers van de Gran Rio de mensen uit de dorpen bezig met hun dagelijkse bezigheden. Er werd gewassen, gevist en door kinderen gespeeld in het water. Uit respect voor geloof en traditie was ons gevraagd om geen foto’s te maken van de dorpelingen zonder nadrukkelijke toestemming. Het fototoestel en de camera bleven in de tas en we lieten al deze indrukken goed op ons inwerken.


Spetteren in de gran Rio.

In Awarradam werden we uitbundig verwelkomt door het personeel. Er werden handen geschud en als een lopend vuurtje ging over het eiland dat er twee kinderen (Ronac en ik) bij waren. Awarradam is een toeristenaccommodatie op een eiland in de Gran Rio. In totaal stonden er zo’n 14 huisjes, een gemeenschappelijke ruimte, een extra toiletgebouw en een aantal huisjes voor het personeel. Een deel van het personeel verblijft ook ’s nachts op het eiland voor de service en de rest woont aan de overkant van de rivier in een dorpje.

We konden meteen aanschuiven aan de tafel in de gemeenschapsruimte voor een lekkere lunch. Het bestond uit rijst, groenten en vis. Na de maaltijd stelde iedereen zich in een kort persoonlijk gesprek aan elkaar voor. Ronac en ik vonden daar niet veel aan en chillden in de hangmatten. De groep bestond uit echtpaar Kors en Joyce, echtpaar Reginald en Corine, de alleen reizende Sarina en koppel Zoëy en Justine. We kregen ook nog wat algemene informatie over de etenstijden en het programma van vandaag.

De huisjes werden verdeeld onder de gasten. Voor ons was het gemakkelijk want wij hadden de familiehut en daar is er maar één van op het eiland. Het lag afgelegen van de andere huisjes en direct naast de aanlegsteiger van de korjaal. In het huisje was een douche met alleen koud water, toilet en een wasbak. Er waren twee eenpersoonsbedden en een tweepersoonsbed allemaal voorzien van klamboe. Aan de rivierzijde was een balkon met twee hangmatten en Ronac en ik lagen er al snel in.  We hadden ongeveer een uurtje om wat spulletjes uit te pakken, ons te installeren en wat te relaxen.


Keyro “Tarzan”  zwemt in de stroomversnelling.

We liepen wat rond op het kleine eiland en zwommen bij een strandje. We kregen gezelschap van een meisje die vrolijk met ons mee spetterde in het water. Rond de klok van 16: 00 uur gingen we met de korjaal een stukje stroomopwaarts om te gaan zwemmen bij stroomversnelling “Peti”. Voorzichtig klommen we over de met waterplanten bedekte rotspartijen om in het water te komen. Ronac en ik met reddingsvest aan want de stroming is toch best aardig. Pappa en ik waagden ons in een stroomversnelling en kwamen verderop pas weer aan de kant. We moesten via wat boten weer op de wal klimmen. Pappa was bijna zijn sandaal verloren en daarom waren ze zo veel afgedreven. Ik vond het natuurlijk fantastisch en wilde nog een paar keer de stroomversnelling af. Het was fijn dat ik nu zelf goed kon zwemmen anders zou ik dit nooit hebben kunnen doen. Pappa en mamma houden me wel continu in de gaten.

Op de terugweg in de boot vertelde Sensi dat er piranha’s en slangen in de rivier voorkomen. Leuk als je dat te horen krijgt en je er net zo lekker hebt gezwommen. Maar in principe hoef je niet bang te zijn als je maar geen bloedende wondjes hebt. Terwijl we terug voeren naar het eiland spotte mamma als eerst een groep met doodskopaapjes die heerlijk door de bomen klommen. Zodra ze ons in de gaten hadden waren ze ook meteen verdwenen.

’s Avonds kregen we de bekende gritbana soep voor het diner. Heerlijk! Na het diner ging pappa naar de diapresentatie over de flora en fauna in het gebied terwijl mamma met ons naar het huisje ging om te slapen. Het was zo’n inspannende dag geweest dat we allebei binnen 10 minuten waren vertrokken.

Dag 19; Back home

Ik werd om 3:00 uur in de nacht wakker gemaakt om naar het vliegveld van Perm te gaan. We werden opgehaald door de jongen die ons met de bus had rond gereden maar deze keer reed hij in de luxe volvo van Konstantin. We reden eerst naar de “home base” en daar vandaan door naar het vliegveld. Eerst inchecken maar dat duurde even omdat het systeem eruit lag. Toen dit eindelijk gedaan was, konden we afscheid nemen van iedereen. Er werd wat afgekust en geknuffeld door iedereen.

Ik kreeg van Zhenya en Tanya nog een leuke knuffelhond, lief hoor! We liepen door de douane en moesten nog een tijdje wachten voordat we aan boord konden van het vliegtuig naar Moskou. Ik sliep helemaal niets en hield pappa en mamma ook wakker. Ik verzon een naam voor mijn nieuwe hondenvriendje en noem hem “piva” (Russisch voor bier). We landden in Moskou en moesten daar van terminal verwisselen voor de tweede vlucht. We moesten bagage uitchecken met de transferbus naar de andere terminal, een heleboel uren wachten en daar weer opnieuw inchecken en de hele mikmak. Van vermoeidheid was is niet te genieten en uiteindelijk viel ik in de buggy in slaap.

Ik werd wakker gemaakt toen we door de douane moesten. De vlucht van Moskou naar Düsseldorf verliep prima en opa Ed stond ons daar al op te wachten. We gingen eerst even naar Geleen om oma Evelien te zien en zij had eten gemaakt voor vanavond dat we mee konden nemen. Na een uurtje reden we door naar Maastricht waar we een blije Ushi aantroffen. Ze had ons echt gemist en wilde de hele tijd knuffelen. We aten lekker de mihoen van oma Evelien en gingen op tijd naar bed want we hadden toch wel wat uurtjes in te halen. Het was weer even vreemd om in mijn eigen bedje te liggen maar wel vertrouwd en al snel was ik in dromenland. Het zit er alweer op onze reis naar Rusland, helaas. Ik heb er heel erg van genoten en zal mijn belevenissen zeker niet vergeten.

Keyro goes Rusland Dag 1; naar Moskou

Jeetje, wat was het vroeg vanochtend. Ik was nog in dromenland toen ik mamma hoorde roepen dat ik wakker moest worden. Ik kon het opstaan nog even rekken maar uiteindelijk moest ik er toch uit. We gingen vandaag op vakantie naar Rusland, het grootste land ter wereld. We vertrokken om 6:40 uur met de auto naar Geleen. We werden utigezwaaid door oma Evelien en opa Ed bracht ons naar het internationaal vliegveld van Dusseldorf in Duitsland. Het was vanaf Geleen een uurtje rijden. Gelukkig was het niet druk op de weg en arriveerden we om 8:00 uur bij het vliegveld. Camielle, Rob, Berthie en Chris stonden al te wachten in de vertrekhal. Het was even wachten op Rene, Katja en Allek maar ook dat duurde niet lang. We konden nog niet inchecken en besloten om maar iets te gaan drinken en sommigen ook iets te eten.

Vanaf het restaurant kon ik naar vliegtuigen kijken die bij de gate stonden te wachten klaar voor vertrek. Na het ontbijt liepen we naar de balie voor het inchecken. Het vliegtuig bleek helemaal vol te zitten we hadden maar twee stoelen naast elkaar. De derde stoel was er wel meteen achter dus zaten we toch nog een beetje bij elkaar. We liepen naar de security-check voor controle van onze handbagage. Ook hier konden we vrij snel doorlopen. Helaas moest Berthie nog even terug naar de incheckbalie omdat ze spullen in de tas had zitten die niet mee mochten in het vliegtuig. Ze kon ze gelukkig alsnog inchecken en hoefde de cadeautjes voor de familie Viatkina niet in te leveren. Nog even door de paspoortcontrole en toen waren we al bij de gate. Nog 10 minuutjes gewacht en daarna konden we al boarden. We gingen als een van de laatsten het vliegtuig in.

Voordat we opstegen kreeg ik een leuk rugzakje van Aeroflot met allerlei speelgoed erin, een kleurboek met stiften, puzzle etc. We stegen op en vlogen eerst door een pak met dikke wolken en daarna werd de koers naar Moskou ingezet. Het cabinepersoneel kwam al vrij snel met eten en drinken. Ik kreeg een speciaal kindermenu met kipfilet, aardappeltjes, erwten en worteltjes, een toetje en een plakje cake. Na het eten begon ik moe te worden en sliep ik een uurtje.


Een lekkere kindermaaltijd tijdens de vlucht.

Toen ik mijn ogen weer open deed waren we al geland op het Sjeremetjevo 2 vliegveld. Vroeger was dit het grootste internationale vliegveld van Moskou maar veel vliegtuigen landen tegenwoordig op het modernere vliegveld Domodedovo. Bij de paspoortcontrole waren we direct aan de beurt en nadat de paspoorten en visa waren gecontroleerd konden we doorlopen. Het duurde heel even voordat de bagage kwam maar ook dit was snel verzameld toen de koffers eenmaal op de bagageband rond draaiden.We liepen naar buiten waar de taxichauffeur op ons stond te wachten. In plaats van 1 taxibusje werden het twee auto’s. Wij gingen samen met Berthie, Rene en Allek in een auto en de anderen moesten even wachten op de tweede auto. Het vliegveld ligt circa 28 kilometer ten noordwesten van het centrum van Moskou en de rit duurde ongeveer een uurtje. Er stonden wat files en de hoeveelheid auto’s op de weg is echt enorm. Alles rijdt kriskras door elkaar, er staan geen strepen op de weg en er staan 6 tot 7 auto’s naast elkaar. Soms gaan de auto’s op een paar centimeter langs elkaar heen, levensgevaarlijk.

We bereikten veilig het appartement aan Smolenskaya in de wijk Arbatskaja en Katja en Rene gingen alles regelen voordat we het appartement in konden. Wij bleven lekker buiten wachten tot Rene en Katja terug kwamen. Rob, Camielle en wij bleven in het appartement aan Smolenskaya 7 en Rene, Katja, Allek, Berthie en Chris gingen naar hun appartement aan de overkant van de grote weg. Vol spanning gingen we in de piepkleine lift die al krakend en piepend naar de 9e verdieping ging. Eerst moesten we een grote zwarte lederen deur openmaken en daarna nog een deur. Voordat we het appartement in konden moesten we door een halletje en daar moesten we nog een deur open maken. We hadden een traditioneel Russisch appartement met kroonluchters en veel tierelantijntjes. De slaapkamer was wel heel apart met een spiegelwand achter het bed. Camielle vond het helemaal geweldig maar er werd besloten dat wij in deze kamer zouden gaan slapen, helaas voor Camielle.


Woonkamer van het appartement in Moskou.

Hier en daar waren wat onlogische en onafgewerkte dingetjes maar voor de rest was het een keurig appartement. We hadden een mooi uitzicht over het drukke kruispunt voor het ministerie van buitelandse zaken, een prachtig hoog gebouw. We liepen naar de overkant waar we het andere appartement zagen, een stuk moderner dan dat van ons. Ondertussen hadden we honger gekregen en aan het begin van de autovrije Oelitsa Arbat lag een Mac Donalds. We gingen hier naar binnen en bestelden een big mac-menu en een happy meal.


De Russische MacDonalds, ik kan ook al Russisch lezen!

Op de terugweg moesten we de drukke straat weer oversteken en dit is echt niet zonder gevaar voor eigen leven. De Russen rijden echt als gekken (zo’n 60 – 70 km/uur) en stoppen niet voor zebrapaden. Toen we terug kwamen wilden we meteen door gaan naar bed maar toen we de kleine lampjes in de spiegelwand aan deden, kwamen er vonken vanaf. Door de kortsluiting hadden we geen licht meer in de badkamer, toilet, gang en slaapkamer. Op een stopcontact in de slaapkamer zat nog wel stroom en met een klein leeslampje konden we zo toch nog iets zien. In het donker kleedden we ons uit en gingen we naar bed.