Camping Korana

Ons verblijf op camping Ujča zat er na drie dagen weer op en het was tijd om verder te gaan. Ronac was moe en opstandig vanochtend en daar kwam niet veel uit. We aten eerst wat en dronken een kopje koffie (ja, dat drink ik nu).

De spullen werden ingepakt, tent opgeruimd en alles naar beneden gebracht. Het inpakken moest snel gebeuren en met veel moeite lukte het om alles in de auto te krijgen. We betaalden de rekening en gingen op weg naar camping Korana in de buurt van het Nationaal park Plitvice.

Het eerste stuk reed aardig door maar zo’n 15 kilometer voor het Nationaal park begon het druk te worden. Het was ook nog even zoeken naar camping Korana maar iets na het middaguur arriveerden we er. Het bleek een hele grote camping te zijn met wel 550 staanplaatsen. We mochten wel zelf een plekje uitzoeken.

We reden wat rond en vonden een mooie plek aan een klein veldje onder een paar bomen. Het sanitair gebouw was ook direct in de buurt en de elektriciteit ook. Aan het laatste hadden we niet veel want er bleek een speciale aansluiting nodig voor de stroom aan te sluiten. Terwijl pappa en mamma de tent weer opzetten, speelden wij nog een spelletje op de tablet. Toen de tent stond gingen wij samen met pappa de camping verkennen.

Bij de campingwinkel haalden we een ijsje die we lekker op smikkelden. Ronac zijn gezicht zat compleet onder de chocolade van zijn ijsje, hihi. Pappa had ook de speelkaarten meegenomen en we deden een paar potjes. Mamma bleef even bij de tent en zorgde ervoor dat de spullen in de auto weer een beetje geordend stonden. In de middag gingen we zwemmen in het riviertje de Korana die achter de camping stroomt.

Langs de kanten lag wat blubber maar het water was heerlijk. We speelden met de volleybal en lagen lekker wat in de zon. Het was goed warm. ’s Avonds zijn we bij het restaurant op de camping gaan eten. Ronac had voor de tweede keer vandaag de “bokkenpruik” op en vond niets op de menukaart lekker om te bestellen.

Helaas voor hem hadden ze deze keer geen hamburger op het menu staan maar wel veel andere lekkere dingen (vond ik). We lieten hem mokken en bestelden ons eten. Mamma bestelde nog wat vlees en kaas van de regio als voorafje. Ronac was degene die uiteindelijk het meeste ervan at?! Wij hadden beiden een spaghetti bolognese (uiteindelijk had Ronac toch nog zijn bestelling doorgegeven aan de ober) en pappa en mamma hadden allebei een ander gerecht maar beiden iets met schnitzel.

Het eten smaakte zeer goed voor een campingrestaurant. Op de terugweg namen we bij de campingwinkel brood en wat drinken mee voor de volgende dag. We gingen op tijd onze slaapzak in want morgen willen we vroeg opstaan om op tijd bij het opengaan van het Nationaal Park Plitvice te zijn.

De Dadès vallei

Het was vandaag moeilijk om wakker te worden en op te staan. Uiteindelijk zaten we om 8:45 uur aan het ontbijt. We zouden om 9:30 uur starten met de wandeling. Het was nog koud maar het zonnetje begon al aardig te schijnen.

Onze gids heet Olaiyd en we hadden hem gisteren en vandaag al aan het werk gezien in het hotel. Hij vroeg ons wat geduld te hebben en even te wachten. We gingen naar buiten en genoten vanaf het terras van het uitzicht. Wat een verschil was met gisteren.

Om 10:00 uur kwam Olaiyd zich verontschuldigen dat onze lunch nog gemaakt moest worden en we nog niet konden vertrekken. Uiteindelijk was alle klaar en konden we gaan. We liepen een klein stukje langs de weg en sloegen daarna af de wadi (vallei) in.

We liepen langs de rivierbedding die vol met stenen ligt en er stroomt water doorheen.  We liepen langs akkers waar graan (gerst, tarwe), wortelen, kool en aardappelen verbouwd worden. Ook staan er veel palmbomen, amandelbomen en vijgenbomen. Veelal voor lokaal gebruik. We kwamen door slaperige berberdorpjes en langs stoffige ingestorte kashba’s. Zomaar ineens stonden we voor de kleurige rode bergen en vreemd uitziende rotspartijen. Hier loopt een smal bergpad de bergen in.

De tocht bestaat uit drie delen. Het eerste deel was vrij gemakkelijk lopen maar al snel werd het smaller en we moesten we flink gaan klimmen. Dit is dus het tweede deel. Op sommige stukken moeten we ons zien te redden op de bijna verticale rotsen. Met kleine pasjes liepen we over smalle richeltjes en trokken we ons omhoog aan de rotsen om de weg te vervolgen. Sommige stukken waren weer smal en waren we bang dat mamma kwam vast te zitten.

Voor hele dikke mensen is deze route niet aan te bevelen. We kwamen ook twee karkassen van berggeiten tegen die in de winter door het water in de kloof waren verdronken. Olaiyd steekt ons vaak een helpende hand uit maar de meeste tijd loop en klim ik als eerste naar boven. Het laatste stuk naar het plateau was een flinke klim en ging bijna steil omhoog. Olaiyd vertelde ons om rustig aan te doen en heel voorzichtig te zijn.

Ik ondervond geen problemen en stond als eerste boven. Leuk om mamma en Keyro zo te zien zwoegen. Het plateau is grauw en dor en er staan alleen maar rotsplanten en struiken.

We moeten nog een stukje lopen totdat we bij een berberwoning komen. De woning is uitgehakt in de rotsen. We worden door de familie (moeder met drie kinderen) uitgenodigd om binnen te komen kijken. Het is niet groot en best donker. De moeder en dochter verzorgen een kop thee.

Nu niet alleen met mint maar er bleek ook verse tijm aan toegevoegd te zijn. Naast de grot is nog een kleine ruimte waar het vee gestald staat. Er liep een ezel, een jonge geit en een kip. De jonge kinderen keken verlegen naar ons.

De dochter was bescheiden en verlegen maar ondanks at zeer geïnteresseerd in foto’s die we konden laten zien op de display van onze spiegelreflexcamera. De terugweg gaat bergaf en is een stuk gemakkelijker te lopen.

We komen weer uit in de groene vallei maar gaan nog niet terug. We lunchen op een vlak stuk met gras langs de rivier. Het broodje met kip, paprika en uien was het wachten wel waard geweest. Het was veel en er was ook nog banaan en sinaasappel.

De zon scheen behoorlijk fel en het werd aardig warm. We lopen nog een stuk tot we uitkomen bij een plek waar de rivier flink stroomt. We houden een rustpauze bij het water.

Ik was al aardig moe en er werd besloten om terug te lopen naar het hotel. We steken de (op deze plek) flink stromende rivier over. Geen stevige brug maar een smalle boomstam. Het grootste gedeelte van de terugweg lopen we langs de openbare weg.

Goed opletten want sommige auto’s scheurden toch nog best hard langs. Mamma nam me de laatste paar honderd meter op haar rug, super lief.

We waren rond 16:00 uur terug en verlangden naar een lekkere douche. Helaas viel dat tegen en werd het water niet warm. We spoelden ons snel schoon en droogden ons snel weer af. We deden het verder rustig aan. In de avond aten we weer bij het hotel. Helaas werd er exact hetzelfde eten geserveerd als gisteren. Na het eten waren we moe en gingen we direct slapen. Morgen rijden we verder naar nog een kloof in het Atlasgebergte en wel de bekende Todgha (Todra) kloof.