Trogir

We waren vanmorgen lui en wilden alleen maar gamen op onze tablet. Pappa en mamma wilden graag naar een stadje in de buurt bezichtigen en het kostte hen heel veel moeite om ons te mobiliseren. We hoefden niet lang in de auto te zitten want Trogir was maar iets van 5 kilometer rijden. In het centrum van Trogir is het vrij druk en het is zoeken naar een parkeerplek. We parkeren uiteindelijk net buiten het autovrije centrum.

Met parkeertarieven van 1,80 euro per uur zijn het bijna Nederlandse prijzen. Het autovrije centrum ligt op een klein eiland en ligt op loopafstand van de parkeerplaats. Vanwege de strategische ligging tussen het grotere eiland Ciovo en het vaste land was Trogir vroeger een belangrijke stad om te veroveren. Trogir heeft een verdedigingsmuur om het oude centrum en we liepen er eerst via de buitenkant om heen.

We lopen langs de haven en komen uit bij het 15e -eeuwse Kamerlengofort. Hier woonde vroeger de Venetiaanse heerser die op het hoogtepunt vrijwel de hele Adriatische kust in handen had. Ook is de stad in handen geweest van de Grieken, de Romeinen en zelfs de Fransen. Al deze culturen hebben hun stempel gedrukt op de architectuur van de gebouwen in de stad.

Er zijn prachtige gebouwen in Romaanse, Renaissance en Barok stijl terug te vinden. Het is goed warm en we zoeken een plekje op een van de vele terrasjes langs de boulevard voor een verfrissing. We hadden uitzicht op de jachthaven waar heel wat mooie en dure jachten lagen. We liepen de verbindingsbrug die Trogir verbindt met het eiland Ciovo over en bekeken de stad vanaf de andere oever.

Daarna liepen we terug en kwamen we via één van de twee stadspoorten het historische centrum binnen. Sinds 1997 staat het centrum van de stad op de Werelderfgoedlijst van UNESCO. We slenterden wat door smalle steegjes van het centrum. Ook hier veel mooie middeleeuwse huizen.

De stad schijnt vaker gebruikt te worden als achtergrond in Kroatische, Italiaanse en Duitse films. Helaas lopen ook hier veel toeristen en dat doet enigszins afbreuk aan het mooie centrum. Tot nu toe zagen we overal in Kroatië de florerende toerisme industrie. Alle mooie plekken worden overspoeld met hordes toeristen en horeca, hotels en parkings maken er handig gebruik of misbruik van.

Prijzen schieten de pan uit en gastvrijheid en vriendelijkheid is ook niet overal te vinden. Een beetje jammer. Ik hoop dat het land niet ten onder gaat aan haar eigen succes. We liepen terug naar de parkeerplaats  en deden nog boodschappen voor het avondeten bij de Lidl. De namiddag brachten we door aan het strand.

Lekker zwemmen, varen, snorkelen en lezen in de zon. ’s Avonds werd er zelf gekookt en aten we Mexicaanse wraps, lekker! Na het eten gingen we nog een lange tijd zwemmen in de zee tot het donker begon te worden. Morgen vertrekken we richting Bosnië en zullen we de zee gaan missen.

Koud rondje fort Eben Emael

Het was koud maar het zonnetje scheen dus wilden we vandaag toch even naar buiten. Zin om ver te rijden voor een korte wandeling, hadden we niet dus reden we naar Fort Eben Emael net over de grens in België. Het fort is bekend van de strijd in mei 1940 toen een klein team Duitse soldaten het fort in minder dan 15 minuten onder controle kreeg. Het fort stond bekend als reus onder de forten met 17 bunkers, gigantische vuurkracht van munitie en versperringen.

De natuurlijke verdediging, aan de oostzijde van het driehoekig fort lag het Albertkanaal met muren van 60 meter hoog, in het zuiden een tankgracht en in het westen een watergracht maakte het een van de sterkste forten van Europa. Militaire experts zeiden dat het fort onneembaar was. De Duitsers bleken vernieuwende plannen en krachtige wapens te hebben waardoor het fort zo snel veroverd kon worden. Wij maakten een wandeling langs en over het fort. Het is onmogelijk om voor te stellen dat ondergronds een gigantisch complex ligt met keuken, ziekenboeg, slaapzalen et cetera en hier een kleine stad was verborgen.

We genoten van het uitzicht over het Albertkanaal en voetbalden tussendoor wat om een beetje warm te blijven. Ondanks dat het zonnetje scheen stond er een venijnige wind die onze oren goed koud maakte. Toch was het wel even lekker om buiten te zijn en niet de hele dag binnen te zitten op de bank.

Dag 2; Halden; Fredriksten Festning

We werden om 7:15 uur uit onze diepe slaap gewekt door de scheepsradio. De kapitein vertelde dat we rond 9:00 uur de haven van Göteborg in Zweden binnen zouden varen. We gingen ons douchen en kleedden ons aan. We gingen naar het Sun Deck maar eenmaal boven gekomen, begon het net heel hard te regenen. We vluchtten snel weer naar binnen en amuseerden ons nog even in de kids corner. Pappa haalde vlak voor de aankomst nog een kop koffie met een muffin en een glas melk voor Keyro. Iedereen haastte zich naar het Car deck maar wij bleven lang zitten. Uiteindelijk schoot mamma nog in de stress omdat we niet direct de “blauwe” lift konden vinden die ons naar het juiste car deck zou brengen waar onze auto stond. We waren prima op tijd bij de auto en konden vrij snel instappen en de boot afrijden.

De haven van Göteborg, de grootste haven van Zweden, stelde in onze ogen niet veel voor en zag er wat verwaarloosd uit in vergelijking met de haven die we in Kiel hadden gezien. We stonden met alle auto’s en vrachtwagens van de boot in de rij om de snelweg op te komen. We namen eerst de verkeerde afslag maar na snel te draaien, bleek dit nog sneller te zijn. Pappa en mamma hadden besloten om Göteborg niet te bezoeken en meteen richting Noorwegen te rijden. Op de snelweg was het vrij rustig en je mocht er niet harder dan 110 kilometer per uur rijden en op veel stukken zelfs maar 90 kilometer per uur. Pappa zette zijn cruise-control aan om te zorgen dat hij niet te snel zou rijden. De snelweg liep door een mooi groen gebied en overal zagen we stops. Na zo’n anderhalf uur rijden namen we de afslag naar het kustplaatsje Smögen. Het dorp zou een van de best bewaarde vissersdorpen zijn en ligt aan de bekende scherenkust (skärgård) van West Zweden. De kustgebieden hebben vaak ondiep water met kleine rotsachtige eilanden en die worden scheren genoemd. In de zomer zijn er veel toeristen te vinden en dat zagen we ook wel aan de campers en caravans die we op weg er naar toe tegen kwamen. We stopten met de auto op een gratis parkeerplaats net buiten het centrum van Smögen.

De parkeerplaats lag naast de Smögenbron (Smögenbrug) die Smögen verbindt met de plaats Kungshamn. We besloten om van de mooie uitzichten te genieten en niet het drukke centrum in te gaan. We zagen veel bootjes en de pittoreske rood geverfde vissershuisjes. Ook liepen we een tijdje over de rotsen en vonden daar mooie steentjes en skeletjes (scharen en harnas) van krabben. Na deze mooie stop reden we dezelfde weg terug naar de snelweg en vervolgden we onze reis in de richting van Halden. We kwamen het Koninkrijk Noorwegen binnen via de oude Svinesundbrug over het Iddefjord. Inmiddels is er ook een nieuwe boogbrug gebouwd om de oude brug te ontlasten. Voor beide bruggen die Zweden en Noorwegen met elkaar verbinden moest tol betaald worden. Wij hadden via internet de AutoPass aangevraagd omdat veel tolstations onbemand zijn. Nu wordt er een foto gemaakt van je kenteken en krijg je achteraf een afschrijving via je creditcard. Er was op het moment dat wij passeerden niets van een grenscontrole en al snel reden we Halden binnen. De stad deed groter aan dan we hadden verwacht met veel industrie maar het centrum zag er gezellig uit.

Dwars door Halden stoomt de rivier de Trista en in het midden van het centrum ligt een gezellige jachthaven. Boven het centrum van de stad zagen we de Fredriksten Festning liggen. We pinden in het dorp geld, geen Euro’s maar Noorse Kronen (NOK) om mee te kunnen betalen. Het laatste stukje naar de camping ging de weg steil omhoog. We reden de Fredriksten Camping op en gingen naar de resepsjon (receptie). We kregen de sleutel van onze eerste kampeerhut en hoorden waar de douches, toiletten etc. waren. Huisje nummer 10 was klein maar knus en had een slaapzolder. We moesten even zoeken naar een (eet)tafel maar deze bleek omhoog te staan en creëerde zo meer plaats in het huisje. Het begon helaas net wat te regenen maar daar lieten we ons niet door belemmeren. De camping lag in het bos direct naast de Fredriksten Festning. Voor de deur waren direct wandelmogelijkheden met prachtige uitzichten over het Iddefjord en het fort. De regenbui was van korte duur en het zonnetje begon al snel weer te schijnen.

Pappa en mamma zorgden samen voor de avondmaaltijd en die ze moesten bereidden op een elektrisch kookplaatje met maar één pit. Ook hebben we geen stromend water of wasbak in het huisje. Weer eens iets anders en een leuke uitdaging vonden zij. Het was handig dat we zelf nog een elektrische grillplaat hadden meegenomen zodat alles net iets sneller klaar was. De maaltijd bestond uit pasta met courgette, paprika, champignons en gehaktballetjes, lekker! Na het eten wachtte ons een klein karweitje. De afwas moest gedaan worden en wij verrasten mamma door haar mee te helpen. Met een teiltje gevult met vuile borden, pannen, bestek en een theedoek liepen wij naar het wasgebouw. Samen werkten we snel en efficient en was de afwas zo gedaan.

Na de afwas liepen we met zijn vieren naar het Fredrikstenfort. Het fort werd lang geleden gebouwd (de bouw begon in 1658) door de toenmalige Deense koning en wordt ook wel het Gouden Leeuw fort genoemd. Vanaf de vesting konden ze goed buurland Zweden in de gaten houden. Vanaf 1905 werd Noorwegen onafhankelijk en werd het fort niet meer gebruikt. We liepen door het fort en zagen dingen zoals: vestingmuren, munitiemagazijnen, bakkerij, brouwerij en de bastions (uitspringend deel in de vestingmuren). Het was voor ons een grote ontdekking, heel leuk. Ik zag vanaf het fort zelfs onze auto voor het hutje staan! Met mijn ogen is dus niets mis. Ook zagen we een prachtige regenboog die leek te verdwijnen in een eenzaam huisje op een heuvel. Keyro en mamma werden nog even in het schandblok gezet. Het schandblok bestond uit twee planken op een paal en tussen de planken zaten drie gaten. Aan de buitenkant moesten ze hun polsen leggen en in het midden hun hals leggen.

In de Middeleeuwen werd dit als strafmiddel gebruikt toen gevangenisstraf nog niet gebruikelijk was. De veroordeelde werd zo voor iedereen te kijk gesteld en men kon de veroordeelde bespuwen, uitschelden, lijstraffen uitdelen (bijvoorbeeld zweepslagen) en bekogelen met rot fruit of stenen. Natuurlijk gebeurde dat niet echt met mamma en Keyro. Na deze leuke wandeling kregen we een ijsje en maakten we ons op voor onze eerste nacht. Pappa en Keyro gingen in de kantine nog de WK finale tussen Duitsland en Argentinië kijken. Gelukkig was ik al een tijdje in dromenland toen zij Duitsland in de verlenging zagen winnen en in een regenbui naar het huisje terug kwamen. In het huisje was het warm en broeierig. Op de slaapzolder was het helemaal niet uit te houden. Pappa en mamma legden de matrassen van de slaapzolder op de grond en zo was het nog ietsjes aangenamer.