Centraal Europa: Dag 2; Wandeling rondom Spiegelau


Ontbijten naast onze tent.

Wat heb ik de eerste nacht lekker geslapen in onze tent. Voor pappa was het een slechte nacht en zijn rugpijn werd alleen maar erger. We deden het rustig aan en haalden broodjes bij de receptie voor het ontbijt. Aan de campingtafel, voor onze tent, aten we de broodjes op. We besloten om vandaag niet al te veel te doen vanwege pappa’s rugpijn. Bij onze camping komen twee wandelroutes langs: het konijn en het zwijntje. Op de kaart zagen we dat de konijnenwandelroute in totaal vier kilometer was en naar het dorp Spiegelau ging.


Wij volgden deze route naar het dorp. Onderweg stonden bosbesstruiken, frambozenstruiken en aalbesstruiken. Mamma en ik plukten er vrolijk op los en stopten alles rechtstreeks in onze mond. Verser dan dit kan niet en natuurlijk zitten de vruchten boordevol vitamientjes. Gezond en ook nog verantwoord snoepen dus! De omgeving hier aan de voet van het Bohemer Woud is prachtig. Het gebergte in het Bohemer Woud is zo’n 200 kilometer lang en tussen de 500 en 1500 meter hoog.

Lekker snoepen van alle lekkere besjes in het bos.

De Šumavabergketen is bedekt met het grootste bos van Centraal Europa. Het bos bestaat vooral uit aangeplante sparren die zich helemaal aan het gebied hebben aangepast ook aan harde wind. De letterlijke vertaling van Šumava is “ruisen”. De langste rivier (440 kilometer) van Tsjechië, de Moldau (Tsjechisch: Vltava), ontspringt in het Bohemer Woud. Sneller dan verwacht, liepen we het dorp binnen. Het dorp zelf heeft weinig uitstraling en ligt wat onsamenhangend bij elkaar.

Het begon even licht te regenen en we besloten om te lunchen bij Gasthof Genosko. Wij namen het kindermenu. Met nieuwe energie besloten we een stukje van de wandeling naar de Steinklamm te lopen. We volgden de afbeelding van het  lieveheersbeestje en al snel kwamen we in een mooi bos met rotsen en een riviertje. Het pad was oneffen en we moesten soms klimmen en klauteren. Het landschap was zeer gevarieerd, afwisselend bos met loof- en naaldbomen maar ook met open stukken. We stopten een tijdje bij een droog liggend stuk naast het riviertje.


We klommen op de hoge rotsen maar ik kon mijn voeten niet droog houden. Ik was wat uit balans en stapte met één van mijn voet recht in het water. Het werd dus soppen in mijn schoen maar dat hinderde mij niet. We liepen de route rond en besloten toen terug richting de camping te lopen. Het begon licht te regenen en we hielden er flink de pas in. We volgden de zwijntjesroute want die kwam bij de camping langs.


Wat we echter te laat in de gaten kregen was dat we niet tegen de klok in liepen (camping 2 kilometer) maar met de klok mee (camping nog 10 kilometer). We liepen dus de lange route en het begon ook nog harder te regenen. We stopten in een klein gehuchtje voor een ijsje en een drankje en hoopten dat het daarna weer droog zou worden. Het ijsje dat we hadden besteld, was enorm groot en met moeite kregen we het op.


Helaas was het na de rustpauze alleen nog maar harder gaan regenen. We liepen de regen in en probeerden met behulp van de telefoon met Here Maps een snellere route te vinden. Eenmaal terug op de camping bleek dat we in totaal dik 16 kilometer hadden gelopen. En we zouden het rustig aan doen vandaag, ahum. Snel trokken we alle natte kleding uit en gingen we douchen. Vanwege de regen konden we buiten weinig doen en vermaakten we ons in de tent met een filmpje kijken op de tablet en het lezen van een boek.

De “Dep”