Drijvende markt van Cai Rang

We hebben vannacht allemaal redelijk geslapen al was het wel benauwd en plakkerig. De geluiden van het kabbelende water en de dieren die rond scharrelen was rustgevend. De wekker ging om 6:00 uur en we hadden helemaal geen zin om op te staan.

Een half uur later hadden we ons ontbijt en om 7:00 uur stonden we klaar voor vertrek. We stapten met nog een heleboel anderen in een boot en voeren over een zijrivier de Hang Gon in de richting van Can Tho. We zagen genoeg langs de oevers. Opvallend was de grote tegenstelling tussen armoede en rijkdom.

We zagen huizen op palen, gebouwd  in het water of op een van de vele eilandjes, armoedige houten huisje maar ook zagen we grote, stenen huizen met eigen erf. Vaak staan de huizen gewoon naast elkaar. Langs de oevers zagen we (overdekte) markten, restaurants, winkeltjes en benzinestations voor de motorboten. Net voor Cai Rang werden we overgeladen naar onze vaste boot van de reisorganisatie. Net toen mamma aan boord wilde gaan begonnen de boten de schudden en dreven ze uit elkaar. Mamma wist zich nog net met hulp van de gids aan boord te hijsen.

Vanaf dit punt was het nog maar een klein stukje varen naar de drijvende markt van Cai Rang. Het is één van de grootste drijvende markten in de Mekong Delta. Er zijn er in totaal zeven. De winkels en kraampjes op deze markten zijn boten in verschillende grootte. De markt is voornamelijk een groothandel maar er kan ook particulier gekocht worden.

In de vroege ochtend verzamelen de kooplui zich met hun boot(je) vol koopwaar op het water. Alles vaart kriskras over het water, zonder tegen elkaar op te botsen. Er zijn allerlei verschillende boten te vinden. De ene is alleen met roeispanen te bedienen en de ander heeft een motor. Sommigen hebben een kap van doeken opgetrokken om hun waar of zichzelf tegen de zon te beschermen, anderen hebben een kajuit en sommigen dragen alleen de nón lá op hun hoofd; de traditionele strooien hoedjes. De waar is keurig opgestapeld en er is keuze genoeg.

We zagen boten vol met ananas, watermeloen, mango en bananen. Het verbaasd ons ook niet dat groenten en fruit de meest verkochte producten zijn. De koopwaar wordt zorgvuldig bekeken om vervolgens precies bepalen wat ze willen hebben. Als laatste volgt het onderhandelen over de beste prijs en dan is de koop gesloten.  Het was een leuk tafereel om te volgen en de boot voor twee keer rond zodat iedereen het goed kon zien. We maakten een stop ergens langs de rivier bij Les Loc, een botanische tuin en hier hadden we de mogelijkheid om een fietsje te huren en een beetje rond te kijken.

Het duurde lang voordat iedereen een fiets had en toen wij als een van de laatsten aan de beurt waren, had de gids haast en vertrok hij al. Mamma had haar fiets al en ging er snel achteraan om hem tegen te houden. Uiteindelijk lukte het ons om bij de groep te komen. Echter was het achteraan fietsen geen pretje.

De groep Spanjaarden konden niet echt fietsen en het ging langzaam en er was nergens een mogelijkheid om ze te passeren. Het was verder heel rustig en bijzonder groen.  De smalle weggetjes ging over bruggetjes en af en toe vingen we een glimp van de lokale bevolking op.We stopten bij een monkey bridge over een riviertje. Pappa, mamma en Keyro gingen naar de overkant maar ik vond het te eng en bleef lekker aan de kant staan kijken.

We stopten ook nog bij een tempel die bewaakt werd door grote tijgerbeelden. De terugweg fietsten wij in ons eigen tempo ver voorop. Bij het restaurant kochten wij een drankje en konden we even uitrusten. Op de boot kregen wij een stukje gegrilde “snakefish” en muis te eten.

We maakten tussendoor nog een korte stop bij een bedrijfje waar rijstvellen en rijstnoedels geproduceerd worden. De rijst werd eerst geweekt en gekookt in water waardoor het een dunne pap wordt. De pap wordt met een lepel uitgesmeerd over een doek die boven een pan met kokend water gespannen is. Er gaat een deksel bovenop en op deze manier wordt de rijstpap gestoomd en gegaard. Zodra de deksel van de pan gaat wordt het rijstvel met een soort bamboe knuppel van het doek gerold en te drogen gelegd op een gevlochten bamboe mat. Ik mocht de gids hierbij helpen.

Als het rijstvel gedroogd is gaat het door een soort wringer en wordt het vel in slierten gesneden en heb je rijstnoedels. Er werd hier ook de typische rijstnoedel pizza verkocht. Ze verkopen dit product alleen bij de fabriekjes. Wij wilden dit natuurlijk wel eens proeven. De noedels worden gefrituurd in hete olie en dan worden er kruiden, nootjes en een chilisausje aan toegevoegd. Vers uit de pan waren ze het lekkerste. We kochten er ook nog eentje in een verpakking voor onderweg.

In Can Tho lunchten we bij een lokaal restaurantje. Ik bestelde tomatensoep maar vond hem niet zo lekker. We stapten in de bus en begonnen aan de terugreis naar HCMC. Het best nog een lange rit en de spits in HCMC maakte dat we er nog langer over deden. Ik moest het laatste stuk plassen en het schoot maar niet op. Het was echt mijn blaas dicht knijpen. We stopten bij een centrale plek en moesten nog naar het hotel lopen. Ik kon gelukkig even bij het reisbureau van de organisatie naar het toilet en dat voorkwam dat ik een natte broek kreeg.

We checkten opnieuw in bij het Ailen Garden Hotel. We kregen een nog grotere kamer dan eergisteren en een paar verdiepingen lager. We gingen op tijd eten in de Bui Vien straat bij een van de Saigon barbecue kraampjes. Je besteld je vlees per stuk en dan wordt het op een barbecue voor je klaar gemaakt. Ik wilde alleen maar een Banh Mi (broodje) en weigerde al het andere.

Toen al het eten behalve mijn broodje op tafel stond, kreeg ik toch wel honger en begon ik aan een satéstokje en een kippenpootje. De bediende kwam vertellen dat ze geen brood hadden en dat iemand nu onderweg was om brood te halen. Het duurde echter heel lang en het broodje werd niet meer gebracht. We betaalden de rekening en gingen terug naar het hotel.

Centraal Europa: Dag 11; Demänovská Dolina

Onze reisroute ging vandaag helaas alweer verder. We verlieten de Nizne Kamence camping redelijk vroeg. We reden door naar het hart van Slowakije. Het was minder dan twee uur rijden naar het Demänovská Dolina (Demänovská dal) en het meeste oponthoud hadden we bij de stad Ružomberok. We reden naar Kemping Bystrina aan het begin van het dal in het dorp Demänova.


Keyro las meerdere boeken van de Gladiator uit deze vakantie.

De camping had twee grote ronde kampeervelden met zicht op de Vysoké Tatry (Hoge Tatra). We reden als eerste naar het hoger gelegen gedeelte, een vrij kaal gedeelte. Er stonden daar ook al aardig wat tenten. Op het iets lager gelegen gedeelte stond maar één eenzame tent. Wij reden daar naar toe en vonden een mooi plaatsje tussen de dennenbomen. De tent werd opgezet en daarna gingen we een hapje eten bij restaurant Koliba Bystrina dat op hetzelfde terrein ligt als de camping en het hotel.


Dumplings en  halušky

Er werden vier gerechten besteld: germknödel, dumplings met fruit, halušky met bryndza en spek en goulash. Toen het eenmaal op tafel stond werd er wat met de gerechten geschoven omdat iedereen iets anders wilde eten dan hij/zij besteld had. Het restaurant heeft veel streekgerechten op de kaart staan en de bediening draagt de nationale klederdracht . Het eten was goed maar te porties wat te groot voor de lunch.

’s Middags brachten we een bezoek aan de Demänovská ijsgrot. Om bij de grot te komen moesten we eerst betaald parkeren, vrij hoge prijzen voor Slowakije, op een nabijgelegen parkeerterrein. We trokken een lange broek en fleecevest aan want in de grot zou het tussen de 0,4°C en 3,0°C zijn. We moesten eerst ongeveer 25 minuten bergopwaarts in een mooi bos wandelen om bij de ingang van de grot te komen.


De schitterende omgeving van Demänovská Dolina

In de middag zijn er drie rondleidingen en we hadden de eerste net gemist. We moesten bijna een uur wachten. We kochten de kaartjes en kregen een velletje papier met uitleg in het Engels. De tour was helaas alleen in het Slowaaks. Er werd ook duidelijk vermeld dat foto’s maken verboden was of je moest een toeslag van 10 euro betalen. Wij hebben de toeslag niet betaald en maakten geen foto’s.


Impressie van de ijsloze ijsgrot.

Het viel ons heel erg op dat de prijzen hier veel hoger liggen dan in de rest van Slowakije. Alles in deze regio is toeristisch en men wilt vooral veel geld aan toeristen verdienen. De tour duurde ongeveer een half uur. De grot is 1.750 meter lang en bestaat uit drie verdiepingen. We zagen veel stalagmieten en stalactieten. In de grot werden ook botten aangetroffen van de grotbeer. In de achttiende eeuw werden de botten vaak aangezien voor botten van draken.

Op de plek waar normaal ijsvlakten, ijsstalactieten en stalagmieten te zien zouden moeten zijn, zagen wij nu alleen maar grond. Er werd ons duidelijk gemaakt dat het niet de juiste tijd van het jaar was en er afgelopen winter te weinig ijs aangroei is geweest. Voor ons allemaal een beetje een teleurstellend bezoek aan een ijsgrot die gewoon een grot bleek te zijn. Wat ons betreft mag je het geen ijsgrot noemen of maak er van te voren melding van.

Op de terugweg gingen we op zoek naar een supermarkt om boodschappen te doen voor een barbecue. De supermarkt was klein en de keuze beperkt. Het werden verschillende soorten Klobása (worst) en een simpele salade. Terwijl pappa en mamma de barbecue voorbereiden legde ik mij lekker in de zon en las ik mijn spannende boek “Gladiator”. Het eten was weer een succes. In de avond begon het te regenen en gingen we vroeg onze tent in om een boek te lezen en een potje te kaarten.


Worst, worst en worst op de barbecue

Centraal Europa: Dag 5; Český Krumlov en het boomkroonpad

De morgen begon voor ons rond de klok van 08:00 uur, iets later dan gehoopt. Het allerliefste gingen Ronac en ik zwemmen in het meer maar pappa en mamma hadden andere plannen bedacht. We gingen vandaag naar één van de bekendste stadjes van de Bohemen: Český Krumlov. Binnen 50 minuten reden we er met de auto naar toe. Met borden werden de grote parkeerplaatsen om het centrum heen aangeduid. We vonden een plekje in de buurt van één van de toegangspoorten tot de stad.

Het stadje is gelegen in een lus van de rivier de Moldau. Het kasteel van Český Krumlov torent hoog boven de stad uit en is na de Praagse Burcht het grootste kasteel van Tsjechië. Met de bouw werd begonnen in de 13e eeuw en het werd het onderkomen van de adellijke familie Krumlov. Het grootste deel van de oude stad is gebouwd tussen de 14e en 17e eeuw en er werden vooral gotische, renaissance- en Barokbouwstijlen gebruikt. Tijdens het communistische tijdperk raakte Český Krumlov vervallen. Sinds 1989 zijn veel gebouwen gerestaureerd en om de oude stadskern te beschermen werd deze geplaatst op de Werelderfgoedlijst van UNESCO.

Een lekker ontbijtje op een terrasje in Český Krumlov.

 

Werelderfgoed is door mensen gemaakt of in de natuur ontstaan erfgoed dat uniek en onvervangbaar is. Het is van belangrijke waarde voor de hele wereld en het is van belang om dit erfgoed te behouden. We vonden een plekje op een terrasje in één van de gezellige straatjes en bestelden ons een ontbijtje. Ronac nam een stuk taart, voor mamma een panini , een tosti voor pappa en voor mij roerei. Bij mijn ontbijt zat ook een kop koffie. Ik vond het zo lekker dat ik het van pappa en mamma ook op mocht drinken. Hordes toeristen kwamen voorbij maar ondanks dat, behoudt het stadje een unieke uitstraling. Ook de vele souvenirwinkeltjes zijn op een goede manier geïntegreerd in het stadsbeeld. We struinden een dik uur door het stadje en langs de vele souvenirwinkels.

Rond 13:00 uur verlieten we Český Krumlov en gingen we terug naar Lipno nad Vltavou waar we het Stezka korunami stromu (boomkroonpad) wilden bezoeken. We parkeerden de auto en kochten de kaartjes voor de stoeltjeslift naar boven. Het boomkroonpad begint op de 901 meter hoge berg “Kramolín”. Het pad is nog vrij nieuw en staat er sinds 2012. We liepen met de pas door de toegangspoortjes en kwamen op een pad van 2,5 meter breed.

 

Het eerste deel van het boomkroonpad liepen we over een houten loopbrug van 372 meter lang. Deze bracht ons met een aardige stijging (2 – 6 %) tot een hoogte van 24 meter. Onderweg kwamen we borden tegen met informatie over de bomen en dieren die hier voorkomen. Onderweg waren ook verschillende hindernissen aangebracht. Je kunt natuurlijk zelf kiezen of je de hindernis wilt nemen, of liever over het gewone pad wilt lopen.

 

Wij deden het natuurlijk wel want overal zorgen de veiligheidsnetten ervoor dat je nooit echt kunt vallen. Het was toch best spannend om over smalle of wiebelende balken te lopen en andere capriolen uit te halen. Het wandelpad gaat nog 303 meter verder en dan over in de 40 meter hoge toren. Eenmaal boven werden we beloond met een prachtig uitzicht op het Lipnomeer en de Oostenrijkse bergen. Pappa en mamma liepen dezelfde route terug naar beneden. Wij niet, wij namen de spannende 52 meter lange glijbaan naar beneden. Natuurlijk waren wij veel sneller beneden dan pappa en mamma die te voet terug kwamen.

De spannende 52 meter lange glijbaan

Met de stoeltjeslift gingen wij verder naar beneden, terug naar het dorp. Beneden naast de kabelbaan lag een supermarkt en daar haalden we wat boodschappen. In de avond wilden we gaan barbecueën. Er was weinig vlees voor op de barbecue en we konden alleen kiezen uit allerlei soorten worst. Groot, klein, dik, dun, noem het maar op. Je moet wel worst lusten anders heb je een probleem haha.

Ook nog even tijd om te graven en te zwemmen.

Terug op de camping gingen we lekker zwemmen in het meer terwijl pappa en mamma de barbecue voorbereiden. We hadden een heerlijk diner met salade en barbecueworsten. In de avond gingen we ons nog even douchen en we gingen op tijd naar bed. Morgen hebben we een reisdag en rijden we naar het noordoosten van Tsjechië.

Uiteraard weer aan de barbecue.

Dag 15; De banja

Ik ben afgelopen nacht een keer uit mijn bed gevallen maar heb me gelukkig geen pijn gedaan en lag ik niet helemaal bovenin het stapelbed. Na het ontbijt gingen we naar de banja om ons te wassen en aan te kleden. We zouden de dag door brengen bij de rivier. We liepen het pad af naar beneden en gingen “de kooi” in. Omdat er veel overlast is van hangjeugd heeft de familie Viatkin om hun aanlegsteiger een kooi gemaakt. Zo kunnen er geen vreemden op de steiger komen en ligt de boot veilig.


De kooi.

We maakten als eerste een ritje met de speedboot over de rivier. Daarna werd het tijd om te gaan waterskiën. René was de eerste om de spits af te bijten en hij deed het heel erg goed. Later die middag wilde pappa het ook wel eens proberen. Het kostte hem wat moeite om omhoog te komen maar een keer lukte het hem aardig. Helaas viel hij al snel daarna weer om maar het is volgens mij wel erg lastig. Toen pappa weer terug aan wal kwam had hij wat last van zijn beenspier. Mogelijk heeft hij door het ijskoude water en forse inspanning iets verrekt in zijn been. Hopelijk gaat het over en kan hij het nog eens proberen want het ziet er stoer uit.


In de coole snelle boot.

Pappa en mamma probeerden mij nog even in het water te krijgen maar het was mij veel te koud. ’s Middags gingen we terug naar de datsja om te lunchen. Luba had weer voor een heerlijk soep gezorgd die ik maar al te graag op at. Luba weer wel hoe ze soepen moet maken! ’s Middags gingen we nog een keer naar de rivier en ’s avonds werd de banja aangemaakt. Een banja is de Russische benaming voor een badhuis. Traditioneel wordt de banja verhit met een houtoven en de temperatuur is rond de 70 a 80 graden. Regelmatig wordt er water over de stenen gegooid zodat er een hoge luchtvochtigheid wordt bereikt. In de banja zijn 3 ruimten, de zweet- of stoom (parilka), de wasruimte en de relaxruimte (predbannik).


In de banja.


Buitenkant van de banja en het toilet.

Pappa ging samen met de andere mannen in de banja. Eerst zweten in zweetruimte, daarna wassen in de wasruimte en uitrusten in de relaxruimte. In de relaxruimte worden wodka, bier of etenswaren genuttigd. Na de tweede stoombeurt wordt vaak een bindel berkenbladeren gebruikt waarmee men zich op de rug laat slaan om de bloedcirculatie te verbeteren. Daar waren dus die takken voor die we onderweg hadden gekocht, nu snap ik het. Pappa houdt normaal niet van sauna’s maar vond dit wel lekker. Mamma mocht er helaas vanwege haar gezondheid niet in en vond dat erg jammer. ’s Avonds hadden we weer een heerlijke barbecue klaar gemaakt door Dimitri met sjasliek. Het is echt heerlijk om zo te leven.


Russische barbecue, veel vlees en nog meer wodka.