Centraal Europa: Dag 22; Hongaarse Riviera

Met gemengde gevoelens verlieten we het appartement in Boedapest. We hadden echt nog langer willen blijven. We reden vrij snel het centrum uit en kwamen op de snelweg naar het Balatonmeer. De snelweg reed goed door en het was nog geen uur rijden. We reden in de buurt van het meer nog een klein stukje te ver en moesten weer terug draaien.

We stopten onderweg naar onze eindbestemming even bij het rijkste dorp van Hongarije. Het kleine stadje Tihany ligt op een schiereiland aan de noordzijde van het Balatonmeer. Het schiereiland en het dorp hebben dezelfde naam. We reden het dorp binnen via een mooie, lange, smalle weg tussen de populieren. Als snel werd duidelijk hoe populair het dorp was. Alle natuurlijke betaalde parkeerplaatsen stonden vol en het was echt zoeken naar een plaatsje. Uiteindelijk vonden we er eentje en werd al ons klein geld in de parkeermeter gegooid.

We hadden ongeveer anderhalf uur om het dorpje te bezoeken. We liepen in de richting van het centrum. De witte huisjes met strooien daken, druivenranken en paarse lavendel die overal staat, gaf het een romantische sfeer. Het wordt daarom ook wel de Hongaarse Riviera genoemd. Het schiereiland werd in 1952 tot beschermd natuurgebied verklaard. Het eiland is bedekt met vulkaankegels, rotsen, stranden, naaldbomen en lavendelvelden. We vonden bij restaurant Echo een tafeltje met uitzicht over het Balatonmeer.

In de verte zagen we ook de stad Balatonfüred liggen. Wat een mooie locatie om onze lunch te hebben. Pappa nam pasta, mamma risotto met meerval en wij hadden schnitzel met frietjes. Na het lekkere eten liepen we in de richting van het abdij en de abdijkerk. Het is gebouwd in barokstijl en in de crypte ligt Koning András I begraven. Het was de bedoeling om hier een mausoleum te maken voor Hongaarse koningen maar hij is echter de enige Hongaarse koning die er begraven ligt.

Onze parkeertijd zat er veel te snel op en we moesten helaas terug naar de auto om een boete te voorkomen. We vervolgden onze weg langs het Balatonmeer en gingen op zoek naar een leuke, kleinschalige camping. De camping in Badascony voldeed hier aan en ze hadden nog plaatsen beschikbaar.

Terwijl pappa en mamma de tent opzetten, hadden wij al snel de zandbak gevonden. Vanaf nu zouden we twee dagen helemaal niets hoeven te doen. We gaan onze laatste dagen lekker relaxen aan het Balatonmeer. Eindelijk hadden we de tijd om te zwemmen maar het water in het meer vonden wij aan de koude kant. Tegen de avond voetbalden we met twee Nederlandse jongetjes op het grote grasveld.

We aten in de avond bij de snackbar frietjes, broodje hotdog en een shoarmaschotel. Toen het eenmaal donker was kwamen er vele muggen en moesten we lange kleding aan en ons goed inspuiten met muggenspray. De tent hadden we goed dicht gehouden zodat we rustig konden slapen zonder geprikt te worden door de muggen. In de avond koelde het flink af en je merkt dat het al wat later in het seizoen is. We kropen op tijd in onze warme slaapzakken en genoten van een lange nachtrust.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *