Dag 16; Vøringsfossen; Flåmsbane

Het was vroeg vanmorgen maar het zonnetje scheen al vrolijk naar binnen. Ik was om 6:30 uur al wakker en kon niet meer in slaap komen. Het beloofde een mooie dag te worden. Ik stond op, moest plassen en samen met mamma ging ik naar het sanitairgebouw. We besloten om ons maar direct te wassen en aan te kleden. In tegenstelling tot de andere campings kon je hier wel gratis douchen in de nieuwe douches. Pappa en Keyro hadden meer moeite met opstaan maar uiteindelijk waren we rond half acht klaar voor vertrek. We wilden al vroegde ferry halen anders moesten we weer langer wachten.

We waren ruim op tijd in Dragsvik en konden na vijf minuten wachten aan boord van de ferry naar Vangsnes. De ferry voer over het Sognefjord, het langste fjord van Noorwegen. Veel meer dan het uitzicht vanaf de boot, zouden wij niet zien van het bekende fjord. De tocht duurde ongeveer 20 minuten en we genoten van het uitzicht. We vervolgden vanaf Vangsnes onze weg langs het Sognefjord. Bij het plaatsje Vik verlieten we de weg langs het fjord om wat landinwaarts te rijden naar Hopperstad. We bezochten bij Hopperstad een van de weinig overgebleven staafkerken van Noorwegen.

De staafkerk (stavkirke) bleek een geheel uit hout opgetrokken kerkgebouw. Het had een typische bouwstijl die vooral in Scandinavië ziet. De staafkerken deden hun intrede in de tijd dat het Christendom in Noorwegen werd verspreid. De staafkerk van Hopperstad dateert uit 1140 en verkeert nu na restauratie in goede staat.

Een Noorse jongen met Nederlandse ouders gaf ons een korte rondleiding in het Nederlands. Binnen zagen we de houtenconstructie van de staven, de galerij en het altaarbaldakijn. Het houtsnijwerk en de motieven hiervan gaan terug tot aan het Vikingentijdperk. Zo zie je in het dak van de kerk drakenkoppen en dezelfde structuur als bij een Vikingschip. We vervolgden weg RV13 (Riksvei) en het was een van de mooiste routes die we tot nu toe gereden hadden.

We reden over een slingerende bergweg tussen de meertjes, de rotsblokken en sneeuwresten door. Natuurlijk stopten we even om met onze korte broeken en slippers in een laag sneeuw langs de kant van de weg te kunnen staan. We hadden eigenlijk een stuk willen lopen maar daar hadden we geen tijd voor. Bij Vinje verlieten we RV13 en namen we de E16 naar het plaatsje Flåm.

Het plaatsje is gelegen aan het Aurlandsfjord en is bekend om de Flåmsbane, de zeer beroemde spoorlijn die hier begint. De trein van 12:30 uur was volgeboekt en wij kochten een ticket voor die van 13:30 uur. We deden wat boodschappen en aten onze lunch bij een restaurant. Een kwartier voor vertrek liepen we naar de gereed staande trein. Er was al een lange rij van toeristen die allemaal in wilden stappen. Het treinstel waar wij in moesten zat al flink vol en een plekje bij elkaar was niet mogelijk. Gelukkig konden we wel met twee personen bij elkaar zitten.

Ik zat met mamma bij een aardig Nederlands koppel en ze lieten mij zelfs bij het raam zitten. Keyro en pappa zaten in het midden en konden maar weinig zien. De Flamsbaan (Flåmsbane) is met een hellingspercentage van gemiddeld 5,5% één van de steilste spoorlijnen ter wereld. Het wordt gezien als Noors meesterwerk. De aanleg van de lijn heeft in totaal 20 jaar geduurd en werd in 1940 geopend. De lijn loopt tussen Flåm en Myrdal en de treinreis duurt in totaal een uur enkele reis. De uitzichten zouden uitzonderlijk mooi moeten zijn maar dat viel ons een beetje tegen.

Nu regende het wel maar toch, we hebben echt mooiere plekken gezien. Halverwege konden we de trein even verlaten om te kijken bij de imposante waterval Kjosfossen. Er werd een hele show van gemaakt door muziek en danseressen. Mooi maar wel erg toeristisch en overdreven. De terugweg verliep hetzelfde maar toen konden we gelukkig wel bij elkaar zitten en konden pappa en Keyro ook naar buiten kijken. Achteraf was de treinrit wel aardig maar volgens ons erg overgewaardeerd en toeristisch.

We reden de E16 terug en namen bij Vinje de afslag op de RV13 in de richting van Voss. We speelden een tijdje op de Nintendo en ik sliep zelfs een lange tijd. Bij Eidfjord namen we de nieuwe brug over het Hardangerfjord en de verschillende tunnels want de veerboot werd in 2013 opgeheven. De Hardangerbrug overspant het Eidfjord, een deel van het Hardangerfjord en is de enige vaste oeververbinding over het fjord. De brug is 1.380 meter lang en zag er enorm uit, wat een constructie!

Aan beide zijden was een tunnel en in één ervan was zelfs een rotonde aangelegd. We hoorden op de navigatie: “neem bij de rotonden de derde afslag…”. We lachten erom want we reden in de tunnel en dat kon toch niet? Nou het kon dus wel! Even later reden we door een wel hele vreemde tunnel die leek op een soort slakkenhuis waar je doorheen reed. We kwamen langs de Vøringfossen waterval waar we morgen naar toe willen en niet veel later zagen we aan de rechterkant de Garen camping voor de komende twee nachten liggen. Ons hutje was sfeervol en gezellig en had een prachtig uitzicht over het riviertje en het dal. We hadden al snel ontdekt dat er voldoende kinderactiviteiten te doen waren, een ruim en groot speelveld, trampolines, een schaakspel etc.

We speelden met de 13-jarige Nederlandse Esther en haar grote 16-jarige broer Daniel. Tussendoor gingen we even wat eten in de hut. Omdat we vanmiddag al warm hadden gegeten, werd het vandaag makkelijk soep met broodjes en gebakken ei. Na het eten konden we nog een tijdje buiten spelen totdat pappa en mamma het tijd vonden om naar bed te gaan.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *